Ik ben beter dan ik was

Met B. stond ik bovenaan het trapje met de glanzende aluminium treden naar het buitenterras van Boven Jan. Met drie andere collega’s hadden we gegeten en gelachen en een beetje geroddeld – en vooral ook gedronken. Het was zo’n avond met B., een avond met veel bier. Hij ging mij voor. Onderaan de trap stonden een man en een vrouw. Zeven treden, schat ik.

Lees verder Ik ben beter dan ik was

Dan komt dokter

Al vier jaar lang vraagt Thijs zich af wanneer hij nou eens dood zal gaan. Hij blijft daar meestal opgewekt onder. Thijs is een zachtmoedige man van bijna tachtig aan wie je niet ziet dat hij alzheimer heeft. Dat merk je pas als hij voor de derde keer vertelt dat hij niet ‘in een tehuis achter de zusters aan wil rennen’. Als hij écht in de war raakt, bedoelt Thijs, wil hij liever sterven.

[Dit stuk verscheen op 20.2.2016 in de Volkskrant]

Lees verder Dan komt dokter

Twee? Da’s niks. Ik heb er al acht.

 

Mannen praten erover alsof het veroveringen zijn. Scalpen aan hun riem. Krassen in de kolf van hun geweer. ‘Ik heb er nu twee,’ hoorde ik een nog jonge man enigszins bedremmeld zeggen tegen een omvangrijke Oost-Groninger die het allemaal al een keer of wat had gezien.

‘Tien,’ zei hij – en liet toen een stilte vallen waarin de jongere man met open mond diende te luisteren.

Lees verder Twee? Da’s niks. Ik heb er al acht.

Tijd voor een antwoord

Op een zondagavond vraag ik Sandra of ze bij me komt zitten onder de appelboom. ‘Ik wil met je naar de zwaluwen kijken,’ zeg ik. Mijn lief begrijpt wat ik bedoel. We moeten het er maar eens over hebben.

Vier jaar eerder tuurden we ook uren naar dat gewemel. We namen er de tijd voor, vreemd opgelucht omdat ik eindelijk wist waarom ik zo slofte, soms struikelde over niets en aldoor zo allemachtig moe was.

Lees verder Tijd voor een antwoord

Kan ik netjes sterven als ik heel erg dement ben?

Ook al mag het van de Euthanasiewet, artsen laten je niet sterven als je dement bent. Je laatste wil is waardeloos. Tot de ‘handreiking’ van minister Schippers een week voor Kerst – of toch niet?

(gepubliceerd in de Volkskrant als opiniebijdrage op 29 december 2015)

Ik eindig dement, waarschijnlijk. Parkinsonpatiënten lopen nu eenmaal een groter risico dat ze hun vrouw op een dag aanzien voor een hoed of te lijf gaan met een keukenmes. Als ik lang genoeg leef, staat bijna vast dat ik kwijlend zal vergeten wie ik was, of wat, of waar.

Lees verder Kan ik netjes sterven als ik heel erg dement ben?

Op de dag dat Wilders wint en Vrij Nederland begint te verdwijnen

Op de maandag dat Vrij Nederland verdwijnt (‘of een maandblad wordt, wat op hetzelfde neerkomt,’ reageerden oud-redacteur Piet Piryns en andere fans bedroefd), wordt Geert Wilders door het volk uitgeroepen tot politicus van het jaar.

Lees verder Op de dag dat Wilders wint en Vrij Nederland begint te verdwijnen

Falend hart

Het hart zit links van de draaideur, voor het hoofd moet je naar rechts. En dan twee trappen op – daar ergens zit de ziel, denk ik telkens als ik in het Groningse ziekenhuis moet zijn. Ik ken die poli langzaamaan, de balie, de witte jassen, de zwarte koffie, de zachte chaos. De hartpoli ken ik niet, die is verontrustend nieuw.

Lees verder Falend hart

Hoe gaat het nou met me (1)

Hoe gáát het nou met je? Dat moeten ze mij niet vragen.

Niet dat ik de vraag vervelend vind. Ze bedoelen het goed. En ik vertel graag hoe het me vergaat. Maar ik ben niet de beste bron. Voor een betrouwbaar oordeel over mij moet je niet bij mij zijn.

Ik wéét niet hoe het met mij gaat. Ik vergis me in mijn afbladderen. Zoals een middenstander in een afbraakwijk zich verkijkt op zijn kansen de crisis te overleven; hij schat zijn omzet te hoog en zijn failliet verder weg dan de feiten billijken.

Lees verder Hoe gaat het nou met me (1)