De vloeibare waarheid van Jayson Blair en Janet Cooke

8 april 2006 Geen categorie 0

De lezer weet meer dan ik, is het credo van Dan Gillmor, de Amerikaanse journalist en groot pleitbezorger van burgerjournalistiek. Dat lezers samen meer wisten dan journalisten, was altijd al zo. Maar sinds internet kan al die verdeelde kennis van lezers snel bij elkaar worden gebracht en een rol gaan spelen in de media. Daar kun je maar beter van profiteren, vindt Gillmor.

Iets anders is vergelijkbaar waar. Journalisten hebben altijd al zo nu en dan een loopje genomen met de werkelijkheid, om duizend redenen (waarvan ijdelheid ongetwijfeld de belangrijkste was). Verslaggevers hebben anonieme bronnen verzonnen, of behendig samengevoegd. Ze hebben quotes opgeleukt, sfeer toegevoegd, en in extreme gevallen complete verhalen uit hun duim gezogen.

Journalisten hebben dat altijd al gedaan, maar sinds internet bestaat worden misschien ze sneller ontmaskerd: CBS-anchor Dan Rather kan dat navertellen. De wereld van 2003 waarin Jayson Blair zijn fictie voor The New York Times schreef (zie de documentatie bij Journalism.org), was al kleiner dan het minder digitale media-universum van 1980 waarin Janet Cooke voor de Washington Post het verhaal over een 8-jarig kindjunkie verzon.

Dat is het goede nieuws. Het minder goede is dat fraude, verzinsels en plagiaat dankzij internet weliswaar makkelijker worden opgespoord – er kijken meer mensen mee – maar ook zelf eenvoudiger is geworden. Wie handig met zijn bronnen omspringt, en Google niet te veel kansen op ontdekking gunt, kan veel bij elkaar fabriceren. Sterke verhalen om in eigen woorden na te vertellen, zijn er zat.

Waarom intrigeert mij dit? Omdat ik me afvraag of jonge journalisten minder moeite hebben met het “verzinnen” van delen van een verhaal omdat de werkelijkheid nu eenmaal voortdurend verzonnen wordt, omdat de media onophoudelijk met de waarheid aan de haal gaan, er spelletjes van maken, en shows bij bedenken.

Begin jaren tachtig dacht een op de drie Amerikanen dat de journalistieke werkwijze van Janet Cooke de normaalste zaak van de wereld was, gangbare praktijk in de media (lees ik in een oud artikel van De Groene). Zou dat percentage groter zijn geworden? Ik denk het wel: het imago van betrouwbaarheid van de media is er niet op vooruit gegaan.

Maar komt dat nou doordat media het minder nauw nemen met de waarheid? Of omdat de consument er minder om maalt wat waar en niet waar is?