Meer dan een clown met een stengun

Tienduizend dagen geleden begon Pieter Boskma als dichter. Heel even verdiende hij zijn brood als conservator in een museum, daarna schreef hij voltijd poëzie. En nu, net vijftig geworden, ligt er een bloemlezing van bijna vierhonderd pagina’s, Altijd weer dit leven, netto uitlekgewicht van een half bestaan.

Is 337 bladzijden veel of weinig? Reusachtig veel. Alles bij Boskma is reusachtig en veel. Zijn lyrische toon, zijn heftige grappen. Er zijn in de afgelopen dertig jaar maar weinig dichters geweest die met zoveel inzet en passie een oeuvre hebben opgebouwd.

Als geen andere dichter is Boskma (geboren Fries, inmiddels Amsterdammer) gebleven wie hij was. Vanaf zijn debuut Quest, in 1987, is hij ingedeeld bij de Maximalen, het dichtersgroepje dat destijds heel even maar nogal heftig de poëzie op stelten zette. De Maximalen kwamen één keer bijeen, hieven zichzelf toen op, maar Boskma (“ik ben de kringspier van het moderne leven”) kwam niet meer onder het stempel uit.

Dat is even terecht als raar. De gevestigde orde keek nogal op van de onruststoker die Boskma was, en zou blijven – want hij laat nog steeds de Grote Woorden botsen op platvloerse taal – maar zag over het hoofd dat Boskma veel meer was dan een clown met een stengun.

Bij alle opwinding miste de goegemeente de ironie, schrijft Joost Zwagerman in een essay, achterin Altijd weer dit leven, dat hij ook samenstelde. Boskma was veel minder de querulant die men in hem zag en is meer dan de milder geworden hemelbestormer waarvoor hij nu wordt versleten. Boskma wil tegelijkertijd hooggestemd en ironisch, lyrisch en schmierend klinken. Hij hoeft de lachers niet op zijn hand. Dat heeft hij, aldus Zwagerman, alleen nodig om voor het hoogste te gaan.

Wat dat is, het hoogste? Ook dat kan bij Boskma alleen in Grote Woorden worden naverteld. Het geheim van god, het mysterie van seks & liefde, de euforie van de taal. Dat klinkt angstaanjagend maar in de gedichten worden reusachtige ambities ontregeld door balorig of archaïsch taalgebruik, soms ironisch ritmisch rijmend zoals Jules Deelder dat kan, dan weer teruggrijpend op de taal van een Vijftiger als Hans Lodeizen, of het kale narcisme van de gek en dichter Jan Arends.

Bijna dertig jaar na zijn debuut maakt die volgehouden spanning tussen hoogmoed en lulligheid, lyrische inzet en lompe lef van Pieter Boskma een groot dichter.

Boek: Altijd weer dit leven. Auteur: Pieter Boskma. Uitgever: Prometheus. Prijs: €29,95