Toe maar meid, zeg wie je bent

18 februari 2007 Geen categorie 7

Opnieuw discussie over anonimiteit en pseudonimiteit op internet. Arno van ‘t Hoog opent een debat op De Nieuwe Reporter. Hij verwijst naar een post van mij. Onder dat commentaar liggen meer stukken die ik over het onderwerp heb gemaakt, onder meer voor een stuk in de Volkskrant dat terecht zal komen in PopUp (verschijnt op 1 maart).

In het debat gaat het nu om de vraag wat online wel en niet mag, qua anonimiteit. Wie er tegen is, haalt er al snel de vele halvegaren bij die maar wat roepen, elkaar de huid vol schelden en denken dat alles mag op internet. Ik snap dat wel, maar het brengt ons zo weinig verder. Want anonimiteit gaat niet meer weg.

Dit schreef ik op DNR als comment:

Tegen wat eigenlijk, vraagt Arno van ‘t Hoog, moet anonimiteit een tegenwicht vormen. Daarmee suggereert hij dat dat tegenwicht niet zo nodig is. Ik ben het daar niet mee eens, en Van ‘t Hoog kent de redenen ook wel: hij somt er zelfs een aantal op. De meest voor de hand liggende is natuurlijk deze: naar mate online meer van ons wordt vastgelegd, ons klikgedrag, onze uitlatingen op fora en in nieuwsgroepen, wat we kopen en verkopen, waar we werken en wat onze liefhebberijen zijn, wordt het belangrijker een muur op te bouwen tussen wie we offline zijn en wie we online willen zijn.

Er zijn nog andere redenen. Anonimiteit en pseudonimiteit zijn de default-stand op internet. Over het algemeen werkt het prima, en is het inderdaad volstrekt onrealistisch te denken dat de gebruikers nog eens voor iets anders kiezen. Bovendien schept pseudonimiteit de mogelijkheid van een “tweede leven”; ik vind dat een uitdagende gedachte. Ten derde reguleert internet zichzelf inderdaad: omdat alles kan worden opgeslagen kunnen reputatiesystemen ontstaan die ogenschijnlijk lege pseudoniemen “laden” met status, aanzien, historie, etc.

Daarmee is niet gezegd dat anonimiteit en pseudonimiteit niet zonder problemen zijn. Integendeel. Er wordt vaak misbruik van gemaakt in scheldpartijen. Criminelen denken zich te kunnen verstoppen achter valse namen. Lafbekken durven alleen onder een nick politiek incorrect te zijn, en erger. Ik verwacht, zonder nu al precies te weten hoe dat zal gebeuren, dat internet zichzelf schoon zal vegen, al was het maar omdat het voor de hand liggende alternatief, nicks verbieden, domweg niet kan.

Wat vaak vergeten wordt is dat je normen en waarden uit de offline wereld niet moet verwarren met die op internet. Dat brievenschrijvers en journalisten in de krant onder echte naam moeten schrijven (wat ik ook vind), wil niet zeggen dat het op internet niet anders zou kunnen, zelfs niet op de website van een krant (zie mijn krant, Dagblad van het Noorden, en Volkskrantblogs). Het wordt pas pijnlijk en lastig als we die twee door elkaar gaan halen.

Maar eigenlijk is het simpel. Stel jezelf de vraag welk advies je je 16-jarige dochter geeft als ze zich in een online discussie begeeft, of een avatar aanmaakt in Second Life. Doe niet zo raar, meid, gebruik lekker je echte naam?

 

Reacties zijn gesloten.