Wie betaalt de langzame journalist?

Goede journalistiek “kost duur”, en hele goede journalistiek kost nog meer. Doordat oplages dalen valt echter langzaam maar zeker het financiele fundament weg onder een journalistiek waarvan de autoriteiten zich echt iets aantrekken, schrijft David Leigh, een adjunct van The Guardian. Hij vreest dat de versnippering van de massamedia ertoe leidt dat iedereen schreeuwt en niemand iets hoort.

Leigh staat open voor internet. Hij is voor de toekomst. We zullen ons moeten aanpassen, zegt hij, want die toekomst komt ons toch wel halen. Maar hij maakt zich grote zorgen over wat nu maar even langzame journalistiek moet heten, naar analogie met de slow food beweging. Hij heeft gelijk: wie betaalt er nog voor onderzoeksjournalistiek als je bijna gratis het gekwebbel van lezers en kijkers kunt uitmelken?

Morgen begint in Groningen, bij mij om de hoek zeg maar, de tweedaagse conferentie van de VVOJ. Ik ben enorm blij dat die vereniging voor onderzoeksjournalistiek ervoor heeft gekozen naar het Noorden te komen. Mijn krant, Dagblad van het Noorden, stuurt er een stevige groep journalisten naartoe, omdat we onderzoeksjournalistiek werkelijk belangrijk vinden.

Leigh schetst in zijn verhaal een doemscenario. Hij geeft geen oplossing of uitweg. Misschien is dat het eerste waarnaar onderzoeksjournalisten op zoek moeten gaan: modellen om hun werk mogelijk te maken. Ja, dat is oneigenlijk: een journalist zou zich geen zorgen moeten maken over de financiering van zijn werk. Maar we weten dat de werkelijkheid inmiddels anders is.

Reacties zijn gesloten.