Fitna: Knippen, plakken en jatten

Over Fitna is na anderhalve dag wel ongeveer alles gezegd wat je over een filmpje van vijftien minuten zou moeten zeggen, in politiek opzicht dan. Stuitend, haatzaaiend, kwaadwillend generaliserend. Maar daarna zijn er nog wat aspecten die interessant kunnen zijn: hoe zit het met de copyrights van wat Wilders bij elkaar knipte, hoe effectief is zijn gebruikte techniek, en is Fitna wel een film?

Over dat laatste kunnen we kort zijn: het is net zomin een film als de dagelijkse knipselkrant van OC&W een voldragen onderzoeksrapport kan worden genoemd. Fitna bevat geen origineel filmmateriaal, er is niets voor “gedraaid” of in scene gezet. Alle beelden zijn uit de werkelijkheid bij elkaar gegraaid, tamelijk zorgvuldig overigens om de centrale boodschap – de Islam neemt met geweld de wereld over – kracht bij te zetten.

Op internet zwerven duizenden van dit soort filmpjes. Er zullen er veel in flash zijn gemaakt, maar ook met powerpoint kom je een heel eind als het gaat om een combinatie van teksten en beelden en glijdende overgangen van het een naar het ander. Zo is Fitna eigenlijk een typisch voorbeeld van de powerpointgekte: het is soms alsof we niets meer kunnen beweren, geen argument meer kunnen bedenken, geen betoog meer kunnen opbouwen zonder de mallen en vormgeving van powerpoint.

We doen dat door van alles bij elkaar te jatten. Of te “lenen”, wat in de digitale cultuur iets anders betekent dan vroeger. Steeds vaker nemen we “content” – een foto, een stukje tekst, een idee – over in de veronderstelling dat dat mocht. We weten het niet zeker, maar hee, het staat op internet, dan zal het dus wel voor het collectief bedoeld zijn, nietwaar.

Dat is natuurlijk onzin. Maar het lijkt langzaamaan zijn eigen werkelijkheid te worden. Hou het maar eens tegen. En nou laat zelfs een Nederlandse parlementarier al de indruk bestaan dat je tv-beelden mag overnemen in een eigen filmpje, en dat op internet kunt zetten, zonder voor de rechten te hoeven betalen. Ik heb althans geen enkele verwijzing naar auteursrechten gezien – er werden alleen maar bronnen genoemd. In twee gevallen, Robbie Muntz en de Deense tekenaar Kurt Westergaard, weet ik van de rechthebbende dat zij geen toestemming hebben gegeven.

Het kan zijn, speculeer ik, dat Wilders zich beroept op een citaatrecht. Daar komt hij een heel eind mee. Maar of dat in dit geval genoeg zijn zal? Juist omdat de film geen film is maar een nummertje knip- en plakwerk, en juist omdat het ding geen enkele eigen content bevat, lijkt het me dat Wilders hier en daar wat auteursrechten heeft geschonden. Hij heeft in elk geval niets gedaan om ons van het tegendeel te overtuigen.

Reacties zijn gesloten.