De elf beste ideeën die kranten wél hebben gehad

26 maart 2009 Geen categorie 1

Elke journalist had Google moeten bedenken. Maar tsja, dat lieten we aan Google over. Daarmee gaven we een bonkend businessmodel achter nieuws en informatie én miljarden omzet uit handen aan twee nerds in San Francisco. De vraag hier is welke tien ideeën de oude media in tijden van internet wel hebben bedacht. Wat is ons trackrecord?

Voor de goede orde: vrijwel geen enkel succesvol internetbedrijf is bedacht door de oude media, hoe zeer dat qua doelgroep en markt ook voor de hand lag. Denk aan Yahoo (zoeken), Craigslist (rubrieksadvertenties), EBay/Marktplaats (veiling), Monsterboard (personeel), MSN (chat), Blogger/Wordpress (schrijf zelf), YouTube (tv), LastFM (radio), Facebook (social media).

Voor zover de oude media hebben geprobeerd te innoveren, en niet bleven hangen in behoudzucht (“we kannibaliseren ons printproduct”), hebben ze vooral gefaald. Dat is niet erg, integendeel. Naast de vijftig heldenverhalen op internet kun je vijftigduizend anekdotes vertellen over gesneefde plannen, verstoorde dromen en failliete startups.

Wat doen media wel?

Maar wat doen oude media dan wel? Ze hebben te weinig geprobeerd, misschien, en hielden te lang vast aan mislukte innovaties die ze al maanden eerder door de shredder hadden moeten halen. Maar wat zijn nou de belangrijkste vernieuwingen geweest van klassieke mediabedrijven op internet. Wat was hun strategie?

Hieronder een lijstje (aanvullingen welkom), met een rating (in sterren: wat heeft het de kranten opgeleverd, journalistiek of commercieel?).

1. Publiceer ook op internet, maar doe dat als de krant al uit is, want anders snij je eigen vlees. Oudste strategie leidde tot shovelsites. Oud nieuws verloor van nieuw nieuws op sites als Nu.nl. (*)
2. Laat lezers online betalen. Idee duikt als een veenbrand al vijftien jaar telkens opnieuw op. Kranten vinden dat hun nieuws “best iets waard is”, maar lezers halen het elders gratis en zitten er niet mee dat er uiteindelijk geen nieuws meer zal zijn als niemand ervoor betaalt. Content waarvoor wel betaald wordt online: seks, geld (The Wall Street Journal!) en sportuitslagen. (*)
3. Begin een community. Internet, snappen oude media, is vooral een social medium. Denk Hyves. Dus willen ze ook een community beginnen. Maar een community begin je niet, die ontstaat bottom-up. De successen die er zijn (Lekker Single, bijvoorbeeld), ontstonden per ongeluk.(**)
4. Laat lezers met elkaar praten over het nieuws. Goed plan, want internet is geen broadcastmedium maar een many-to-many-communicatiekanaal. Jammer dat media vonden dat zij moesten bepalen wat wel en niet mocht op zo’n forum en gingen modereren. Lezers konden die bemoeienis missen als kiespijn. (***)
5. Laat lezers zelf nieuws aanleveren. Noem het skoeps.nl of burgerjournalistiek. Idee ging mank aan drie misverstanden: niet iedereen wil journalist zijn, zoals Skoeps dacht, maar hooguit 1 promille; niet iedereen kan journalist zijn, de content van burgers is meestal niet vergelijkbaar met “journalistencontent”; de belangrijkste: burgers hebben de oude media niet nodig om elkaar als ze dat wel willen onhandig geformuleerd nieuws te vertellen. (**)
6. Advertenties. Wat in krant en op tv werkt, zou online beter moeten werken. Dat klopt, bewijst Google met zijn Adsense. Maar niet als je lelijke, storende, oninteressante popup-boodschappen uitstort over een publiek dat daar niet om heeft gevraagd. (***)
7. Multimedia-verhalen. Internet zoals internet kan zijn. Nieuws en achtergronden ondersteund door flash-animaties, slideshows van foto’s, geluidfragmenten en video. Vertel het verhaal met de middelen die zich er het best voor lenen. Nadeel: hoge kosten. Gevolg: alleen de grootste nieuwssites kunnen het zich veroorloven. (****)
8. Internetjournalistiek. Niet bedoeld zijn de artikelen over internet zoals Francisco van Jole die bijvoorbeeld maakt. Maar journalistiek op internet. Met behulp van internet. Nieuws uit nieuwsgroepen, communities, twitter, blogs, fora, veilingsites, et cetera. Af en toe geprobeerd, komt moeizaam van de grond. (***)
9. Lokale nieuwssites. Goed plan, lastig uitvoerbaar. Lezers, zekere 40plussers, willen weten wat er in hun directe omgeving gebeurt. De vraag is wat dat is: as local as possible? Lokale journalistiek vergt veel journalisten voor een klein publiek en dus lastig te financieren uit reclamegelden. Burgers inschakelen bij zo’n lokale nieuwssite? Misschien (zie 5). (**)
10. Polls. Een van de best gelezen en bekeken onderdelen van sites. Maar wat heb je eraan? Deze mini-enquêtes zijn wel leuk, maar niet representatief. Je kunt er journalistiek meestal geen enkele conclusie aan verbinden, terwijl dat toch gebeurt, waarna je als krant weer wat uit te leggen hebt. Bovendien zal geen adverteerder zijn naam aan een dagelijkse nieuwspoll verbinden, vanwege de grote kans op onprettige associaties. (**)
11. Blogs. Kranten hebben de bloghype overgenomen. Sommige verbouwden hun krantensite tot een “nieuwsblog” – door het laatste nieuws bovenaan te zetten en niet het “belangrijkste” -, anderen lieten hun redacteuren bloggen (tot aan Philip Freriks) of huurden bloggers in. Dat levert in elk geval vormen op die herkenbaar zijn voor de Google-generatie. (****)

[Veel van bovenstaande “vernieuwingen”, van het slechtste idee tot het beste, heb ik de afgelopen jaar wel ergens zelf in de praktijk gebracht. Veel van geleerd.]

Reacties zijn gesloten.