Morgen verschijnt Mediamores – hier de noten

In Mediamores is slechts een beperkt notenapparaat opgenomen. De complete lijst met verwijzingen, voor zover niet al in het boek aanwezig, staat hieronder. Als er naar andere auteurs en hun boeken wordt verwezen, zijn die te vinden in de literatuurlijst. Als er naar bronnen op internet wordt verwezen, bevat de noot uiteraard een hyperlink. De paginanummers verwijzen, met een trefwoord, naar het boek.

Pag 16, 17 – “uitvindingen”:
Pag 18 – “Madonna”:
Pag 22 – “kranten lezen uit verveling”:
Pag 23 – “Carr over lezen”:
Pag 25 – “Gore over Current”:
Pag 26 – “advertenties op CBS”:
Pag 26 – “bereik Current”:
Pag 26 “Gore over Current en tv”:
Pag 28 – “Keen over oude cultuur”:
Pag 28,29 – “Rosen over lezen”:
Pag 30 – “Pardoen over Kaatje Heksenvet”:
Pag 33 – “No privacy anyway”:
Pag 37 – “hoe kom je van trollen af?”:
Pag 40 – “roddel en roem”:
Pag 41 – “Canetti over de meute”:
Pag 43 – “Shirky over de conference call”:
Pag 44 – “Lanier over het collectief”:
Pag 44 – “Lanier over het weblogs”:
Pag 45 – “Weesie over GeenStijl-comments”:
Pag 46 – “Tromp over internet”:
Pag 48 – “Ekker over anonimiteit”:
Pag 49 – “over Pessers en Lycos”:
Pag 51 – “GeenStijl over de Volkskrant”:
Pag 53,54 – “Time over Drudge”:
Pag 54 – “over Clinton en Lewinsky”:
Pag 54,55 – “Drudge”:
Pag 58 – “Broekhuizen over digital doorstepping”:
Pag 60 – “Van Jole over collectief domein”:
Pag 61 – “publieke en private informatie”:
Pag 62 – “Dommering over column Van Royen”:
Pag 67 – “Weesie over GeenStijl”:
Pag 68 – “Weesie over naming and shaming”:
Pag 70 – “Knapen over het publieke debat”:
Pag 70 – “Dommering over het publieke debat”:
Pag 72 – “Keesings”:
Pag 72,73 – “Wikipedia”:
Pag 79 – “Wikipedia en publieke gegevens”:
Pag 82,83 – “scheldmails”:
Pag 84 – “The New Statesman over ironie”:
Pag 84, 85 – “Time over ironie”:
Pag 87 – “Spaink over Lost”:
Pag 89 – “Honore over haast”:
Pag 92 – “Leigh over slow journalism”:
Pag 93 – “Carter en ironie”:
Pag 101 – “Van der Eem over geld”:
Pag 101 – “De Joran Tapes en geld”:
Pag 103 – “de intenties van Peter R. de Vries”:
Pag 104 – “Wagenaar over Van der Sloot”:
Pag 104 – “Brouwer over bewijsmateriaal”:
Pag 105 – “Brouwer over burgeropsporing”:
Pag 106 – “de klusjesman”:
Pag 110 – “Solove en Dogpoopgirl”:
Pag 118 – “Pew over digital footprints”:
Pag 119 – “Hins over vonnissen”:
Pag 120, 121 – “de code van archivarissen”:
Pag 121 – “the long tail”:
Pag 122 – “Van Ess over Google”:
Pag 129 – “Business Week over correcties”:
Pag 130 – “Carr over seo”:
Pag 130 – “Hoyt over het archief”:
Pag 131 – “Meens over het Volkskrantmeisje”:
Pag 131, 132 – “Hins over archieven”:
Pag 132, 133 – “Kraus en seo”:
Pag 137 – “Wester en Prinsjesdag”:
Pag 137 – “Broertjes over de RVD”:
Pag 142 – “Barlow over intellectueel eigendom”:
Pag 143 – “Barlow over auteursrecht”:
Pag 144,145 – “de rechtszaak kranten.com”:
Pag 146 – “PCM en en.nl”:
Pag 151 – “de pers en de Auteurswet”:
Pag 153 – “alle rechten voorbehouden”:
Pag 158,159 – “ACAP”:
Pag 160 – “Jarvis over journalistiek”:
Pag 162, 163 – “bloggers en journalisten”:
Pag 164 – “het RMO-advies”:
Pag 165 – “Barendrecht over de pers”:
Pag 167 – “het proefschrift van Mentink”:
Pag 167 – “Knapen over internet”:
Pag 167 – “Dommering over internet”:
Pag 167 – “Dommering over een beschavingsideaal”:
Pag 171 – “de NVJ over een code”:
Pag 174 – “bloggers over het rapport-Dommering”:
Pag 185, 186 – “het onderzoek naar de martelprimeur”:
Pag 187 – “Thom Meens over de martelprimeur”:
Pag 189 – “intern onderzoek van de Volkskrant”:
Pag 193, 194 – “het verschoningsrecht”:
Pag 194 – “politie-optreden en de pers”:
Pag 194 – “de bijzondere rechten van journalisten”:
Pag 199 – “bindingen in een digitale cultuur”:
Pag 202 – “Davies over de massamedia”:
Pag 216,217 – “gratis content op internet”:
Pag 220 – “het afluisteren van journalisten”:
Pag 221 – “reaguurders”:
Pag 224 – “De Swaan over het nationale slechte humeur”:
Pag 227 – “de vrijheid van de pers”:
Pag 231 – “het recht gevonden te worden”:
Pag 232 – “nieuws dat mij vindt”:
Pag 233 – “over het schalen van gemeenschappen”:
Pag 234 – “de massa en internet”:


Pag 16, 17 – “uitvindingen”:
“Technologische uitvindingen brachten ons achtereenvolgens telegraaf (1837),fotografie (1837), telefoon (1876), film (1888), radio (1893) en televisie (1900).”
– Noot: Over sommige van deze jaartallen valt te twisten. Enkele van de technologische uitvindingen werden stap voor stap ontwikkeld.

Pag 18 – “Madonna”:
“Met al die zichzelf vernieuwende beelden drukt Madonna uit ‘hoe vurig ze het onmogelijke verlangt: onvergankelijkheid’, schrijft Lucette ter Borg in een portret in Hollands Diep.”
– Noot: Lucette ter Borg, Madonna Rules/d!, Hollands Diep, juli/augustus 2008.

Pag 22 – “kranten lezen uit verveling”:
“Kranten lezen ze niet, of in het geval van de gratis treinkranten louter uit verveling.”
– Noot: Onderzoeker Hermans Wolswinkel van de Universiteit Twente deed onderzoek onder jongvolwassenen (18 tot 34 jaar), waaruit bleek dat jongeren in het openbaar vervoer gratis kranten lezen omdat ze zich vervelen, en niet vanwege de inhoud van die kranten. De Volkskrant, 4.12.2008.

Pag 23 – “Carr over lezen”:
“In een provocatief essay in de Atlantic Monthly schrijft de Amerikaanse IT-kenner en blogger Nicholas Carr dat hij steeds minder grondig leest.”
– Noot: Nicholas Carr, Is Google making us stupid?, The Atlantic Monthly, juli/augustus 2008.

Pag 25 – “Gore over Current”:
“Het meest overtuigende voorbeeld is Current TV. De in augustus 2005 gelanceerde Amerikaanse kabel-tv-zender heeft het mediaparadigma van internet – haastig, vluchtig en interactief – verweven met oude media. De zender is opgericht door de voormalige Amerikaanse vice-president en Nobelprijswinnaar Al Gore, de man die ooit de term information superhighway muntte en populariseerde.”
– Noot: Ted Johnson, Al Gore joines Emmy parade, Variety, 13.09.2007.

Pag 26 – “advertenties op CBS”:
“Nieuwsprogramma’s van grote zenders als CBS, schreef The Times fijntjes, worden gesandwicht tussen reclame voor potentie- en reumapillen.”
– Noot: Alessandra Stanley, Betting a netwerk on youths who think, 22.08.2005.

Pag 26 – “bereik Current”:
“Current heeft een bereik van 30 tot 40 miljoen huishoudens in de VS. Daarnaast bezit het kanalen in Groot-Brittannië, Ierland en Italië. Het behaalde in 2007 63,8 miljoen dollar omzet.”
– Noot: Bron: http://www.mahalo.com/Current_TV.

Pag 26 “Gore over Current en tv”:
“‘We konden niet om televisie heen,’ zei Gore tegen Variety nadat hem een Emmy was toegekend voor Current. ‘Het is en blijft gewoon een te machtig communicatiekanaal, zelfs voor jongvolwassenen. Ze zijn heftige internetgebruikers, maar hun tv-consumptie is behoorlijk hoog. Wij zijn er nu eenmaal van overtuigd dat we televisie kunnen vernieuwen en dat platform interactief kunnen maken.’”
– Noot: Ted Johnson, Al Gore joins Emmy Parade, Variety, 13.09.2007.

Pag 28 – “Keen over oude cultuur”:
“Ik geloof niet dat de digitale cultuur de oude cultuur vernietigt, zoals de Brit Andrew Keen beweert in zijn bestseller The cult of the amateur.”
– Noot: Keen, 2007.

Pag 28,29 – “Rosen over lezen”:
“Als we minder goed gaan lezen, zullen we ook minder nauwkeurig gaan schrijven, waarschuwt Christine Rosen in The New Atlantis, een Amerikaans tijdschrift over technologie en samenleving.”
– Noot: Christine Rosen, The image culture, The New Atlantis, herfst 2005.

Pag 30 – “Pardoen over Kaatje Heksenvet”:
“De hoofdredacteur van Ouders Online, Justine Pardoen, schrijft op haar site over Kaatje. De Volkskrant pikt het verhaal op en laat een van de helpers zeggen: ‘Internet is helemaal niet zo anoniem. Je leert elkaar kennen op zo’n forum. Kaatje hielp anderen altijd, dan doe je wat terug.’”
– Noot: Justine Pardoen, Ouders Online Legioen steunt gezin in doodsnood, Ouders Online, 21.03.2008.

Pag 33 – “No privacy anyway”:
“De boodschap van de digitale cultuur is ondubbelzinnig: get a life, you don’t have any privacy anyway”
– Noot: Uitspraak van Scott McNealy, oprichter van Sun Microsystems.

Pag 37 – “hoe kom je van trollen af?”:
“Hoe kom je van hem af? Door hem te negeren. Niet aan het woord laten. Telefoon niet beantwoorden. Don’t feed the troll, zeggen ze op internet.”
– Noot: Zoekmachinespecialist Henk van Ess heeft een alternatief bedacht. Volgens Van Ess moet je trollen juist aandacht geven. Boosaardige berichten moeten door andere bezoekers worden gemarkeerd met door Van Ess gebouwde software, Cave The Troll. De trol ziet dat zijn bericht is geplaatst, maar beseft niet dat hij de enige is die het bericht kan zien.

Pag 40 – “roddel en roem”:
“Maar ook wij weten dat tegenover elke vorm van roem en publieke bekendheid een zekere kwetsbaarheid voor roddel staat. We hebben ermee leren leven. Elke Hollywoodster of BN’er realiseert zich dat het niet uitmaakt hóé ze over je schrijven, áls ze maar over je schrijven.”
– Noot: Solove, 2007

Pag 41 – “Canetti over de meute”:
“Wanneer en waarom verandert een massa in een wraakzuchtige meute, in wat de schrijver en Nobelprijswinnaar Elias Canetti in zijn studie Massa en macht een pack, noemde, een horde?”
– Noot: Canetti, 1976.

Pag 43 – “Shirky over de conference call”:
“De laatste technologie vóór internet waarmee we samen een nijpend probleem konden oplossen, schrijft de Amerikaanse consultant en docent nieuwe media Clay Shirky, was de tafel. ‘We hebben het [daarna] nooit verder geschopt dan de conference call, en dat heeft nooit echt goed gewerkt, toch?’”
– Noot: Bron: weblog Clay Shirky, shirky.com.

Pag 44 – “Lanier over het collectief”:
“Historisch gezien, schrijft computerwetenschapper en muzikant Jaron Lanier in Time, neigt het collectief nu eenmaal tot alle kwaad.”
– Noot: Jaron Lanier, Beware the online collective, Edge (www.edge.org), 25.12.06.

Pag 44 – “Lanier over het weblogs”:
“Waar een onlinecollectief claimt superieur te zijn, een hogere waarheid te kunnen bieden, wijst Lanier op historische parallellen die alle even verontrustend zijn. En het meest van al ergert Lanier zich aan de ‘ontwerpfout’ die gebruikers van weblogs er zowat toe aanzet een pseudoniem te gebruiken: ‘That has led to the global flood of anonymous moblike commentary.’”
– Noot: Jaron Lanier, Digital Maiosm, The Hazards of the New Online Collectivism, Edge (www.edge.org), 30.05.06.

Pag 45 – “Weesie over GeenStijl-comments”:
“‘Als iemand in een discussie over joden naar gaskamers verwijst, wordt hij geweerd door middel van een IP-ban,’ zegt hoofdredacteur en oprichter Dominique Weesie onder zijn pseudoniem ‘Fleischbaum’ in NRC.Weesie heeft het over het ‘Pim Fortuynsyndroom’: ‘Bezoekers die “volledig los” gaan, omdat ze vinden dat alles mag worden gezegd. Mensen denken: internet, leuk, lekker stelling nemen. Ze gebruiken grote woorden over bijvoorbeeld Marokkanen. Maar het moet wel leuk blijven.’”
– Noot: Derk Walters, Na een tijdje duiken vergelijkingen met nazi’s op, NRC, 8.10.2005.

Pag 46 – “Tromp over internet”:
“Maar is internet dan de bron van alle kwaad, wilde Volkskrantjournalist Jan Tromp weten in een debat over media en privacy, voorjaar 2008, in de Koningszaal van Artis.”
– Noot: Maarten Reijnders, We laten ons de les lezen door GeenStijl, De Nieuwe Reporter, 10.06.2008.

Pag 48 – “Ekker over anonimiteit”:
“Juristen als Anton Ekker, die promoveerde op een proefschrift over anonimiteit en persvrijheid, betogen dat er iets is scheefgegroeid sinds het rigide verbod om naamloos kritiek te spuien met de Code Pénal werd afgeschaft. Een eeuw lang leek de journalistieke zelfbeheersing goed te werken, ook al omdat journalisten, in de geest van het drukkers- en uitgeversprivilege, méér was toegestaan dan gewone stervelingen. Journalisten mogen hun bronnen beschermen. Als journalisten al niet zelf anoniem zijn, kunnen ze tenminste de anonimiteit van hun zegslieden beschermen. Gewone burgers kunnen dat niet. Het befaamde Europese Goodwin-arrest – waarover meer in het hoofdstuk ‘Over pers en privileges’ – geeft journalisten een bijzondere positie, die inmiddels ook door de Nederlandse wetgever wordt erkend.”
– Noot: Ekker, 2006.

Pag 49 – “over Pessers en Lycos”:
“Maar providers moeten zelf beoordelen of een blogger zich zodanig misdraagt dat zijn naam en adres moeten worden doorgegeven aan een particuliere klager. Dat was het geval toen de Tilburgse advocaat en postzegelhandelaar Augustinus Pessers van provider Lycos wilde weten wie hem op de site ‘Stop the Fraud’ had beschuldigd van oplichting. Pessers verkocht jaarlijks voor 350000 euro aan postzegels, en beweerde dat hij schade leed.”
– Noot: Bron: Netkwesties (www.netkwesties.nl).

Pag 51 – “GeenStijl over de Volkskrant”:
“Zoals GeenStijl de rel fijntjes inwreef: ‘Meneer de kleuterneuqer mag van de Volkskrant ongebreideld en gratis zijn verwerpelijke gedachtegoed blijven verspreiden.’”
– Noot: Maarten Reijnders, Wie is verantwoordelijk voor Volkskrant-blogs, De Nieuwe Reporter, 27.09.06.

Pag 53, 54 – “Time over Drudge”:
“Wanneer hij als eerste bericht over wat zal leiden tot de Lewinsky-affaire, wordt Matt Drudge een internationale beroemdheid. Hij wordt getypeerd als ‘de Walter Cronkite van zijn tijd’.Miljonair en digitaal erfgenaam van de penny press. Drudge is goed op weg om met een ‘idiote mix van gossip, politieke intrige en buitenissige weerberichten’ een van de honderd meest invloedrijke personen in de wereld te worden.”
– Noot: Ana Marie Cox, Matt Drudge, Time, 30.04.2006.

Pag 54 – “over Clinton en Lewinsky”:
“Op 17 januari 1998 bericht Matt Drudge over de aarzeling bij Newsweek. Vier dagen later heeft The Washington Post voldoende eigen bronnen om het verhaal over te nemen. Na vijf dagen van groeiend tumult spreekt Clinton historische
woorden: ‘I did not have sexual relations with that woman,
Miss Lewinsky. I never told anybody to lie, not a single time: never.’”
– Noot: Clinton Accused of Urging Aide to Lie, The Washington Post, 21.1.1998

Pag 54,55 – “Drudge”:
“Zonder Matt Drudge zou Newsweek misschien nu nog hebben geaarzeld over zijn primeur. Drudge (‘Screw journalism. The whole thing is a fraud anyway’) had geen last van scrupules of ethische codes en publiceerde de vetste roddel van het decennium op zijn website, niet gehinderd door een uitgever die zich zorgen maakt over zijn goede naam, niet bang voor beduusde adverteerders en opzeggingen van lezers”
– Noot: Davies, 2008.

Pag 58 – “Broekhuizen over digital doorstepping”:
“Dat doet sterk denken, schreef journalist Bas Broekhuizen in een column op De Nieuwe Reporter, aan de ophef die ontstond na het drama op de Virginia Tech universiteit in de Verenigde Staten, waar een student 32 mensen en vervolgens zichzelf doodschoot. ‘Journalisten maakten voor hun verslaggeving massaal gebruik van de blogs en profielpagina’s van dader en slachtoffers. Prompt werden ze beschuldigd van digital doorstepping, de onlinevariant van de opdringerige voet tussen de deur.’”
– Noot: Bas Broekhuizen, Het recht om saai te zijn, De Nieuwe Reporter, 18.07.2008.

Pag 60 – “Van Jole over collectief domein”:
“De notie van een ‘collectief domein’, een schemergebied tussen particulier en openbaar, klonk Francisco van Jole als een waarheid in de oren, maar was in zijn optiek bij nader inzien ‘onzin van de bovenste plank’. ‘Wat is dat collectieve domein dan? Is dat zoiets als het niet bestaande verschijnsel “publiek geheim”? Het verschijnsel is misschien nog wel het best te vergelijken met de affaire Rob Oudkerk. Hij vertelde tegen columniste Heleen van Royen dat hij naar de heroïnehoeren ging. Zij schreef dat op. Nog steeds loopt onder journalisten de discussie of ze dat nou had mogen doen. Was dat feestje het openbare, privé- of collectieve domein? Het antwoord is irrelevant, want ze heeft het gewoon opgeschreven. Als de krant het had geweigerd had ze de column wel op internet gezet. Door publicatie werd de kwestie groot nieuws en schreef iedereen het over. Wat overblijft is niet meer dan een theoretisch vraagstuk. Dat is misschien wel het probleem met iedere journalistieke code. Hij is nooit bestand tegen nieuws.’”
– Noot: Francisco van Jole, Geheimen en de code, De Nieuwe Reporter, 6.12.2007.

Pag 61 – “publieke en private informatie”:
“Ze gaan ervan uit dat hun informatie veilig is, omdat toch niemand buiten hun eigen kring er werkelijk in geïnteresseerd is. Ze gedragen zich al alsof hun netwerken publiek én privaat zijn.”
– Noot: Bas Broekhuizen, Het recht om saai te zijn, De Nieuwe Reporter, 18.07.2008.

Pag 62 – “Dommering over column Van Royen”:
“Dommering miskent daarmee dat columns zich in Nederland
– denk aan Martin Bril in de Volkskrant – ontwikkelen naar Amerikaans model, waarin opinievorming en eigen nieuwsgaring
hand in hand gaan. Maar de jurist heeft een punt waar hij zou
beweren dat de transformatie van de column, net als zijn pendant
in de digitale cultuur, het blog, soms tot ongelukken leidt:
‘Veel van deze zogenaamde columns vormen daarom een combinatie
van twee kwaden: slechte journalistiek (beschuldigingen op basis van niet geverifieerde feiten) en slechte satire (er valt niet
om te lachen).’”
– Noot: Egbert Dommering, Privacy en het openbaar debat na de Oudkerk-Van Royen affaire. Tien vragen en antwoorden (voor een scheurkalender in 2005). Verschenen in Netkwesties, 29.1.2004.

Pag 67 – “Weesie over GeenStijl”:
“GeenStijl heeft de naam een rechts blog te zijn.Weesie mag dat graag relativeren: ‘In dat soort kaders passen we niet,’ zei hij tegen Trouw.”
– Noot: Retorische journalistiek/Geenstijl: zeggen wat je denkt, Trouw, 27.01.2006.

Pag 68 – “Weesie over naming and shaming”:
“Nederland, vindt Weesie, is te lang te braaf geweest. Te gelijkmatig. En hypocriet. Met GeenStijl hanteert hij de normen van de Britse schandaalbladen. Naming-and-shaming. Je moet weten wat er leeft onder je lezers, wat ze eten, denken en voelen. Oude media in Nederland zijn niet meegegaan met hun tijd, zei Weesie tegen De Nieuwe Reporter.”
– Noot: Theo van Stegeren, In gesprek met Dominique Weesie over de evolutie van GeenStijl, De Nieuwe Reporter, 21.11.2006.

Pag 70 – “Knapen over het publieke debat”:
“Volgens mediawatchers als de jurist Egbert Dommering en Ben Knapen, oud-hoofdredacteur van NRC Handelsblad, zijn nogal wat journalistieke normen en waarden in de verdrukking geraakt sinds internet halverwege de jaren negentig een massaal gebruikt medium werd. Volgens Knapen heeft internet ‘de publieke ruimte met een saus van hufterigheid overgoten’.”
– Noot: Ben Knapen, Voor een zinvol publiek debat moet de burger mediawijs zijn, bekorte versie van zijn oratie bij het aanvaarden van het bijzonder hoogleraarschap Media en Kwaliteit aan de Radbout Universiteit Nijmegen, in NRC, 21.06.2008.

Pag 70 – “Dommering over het publieke debat”:
“En Dommering spreekt van ‘verloedering’ van het publieke debat.”
– Noot: Egbert Dommering, Privacy en het openbaar debat na de Oudkerk-Van Royen affaire. Tien vragen en antwoorden (voor een scheurkalender in 2005). Verschenen in Netkwesties, 29.1.2004.

Pag 72 – “Keesings”:
“Dat laatste is natuurlijk nieuw. Vroeger zou je gezegd hebben dat zulke feitjes als het gesjoemel van een VVD-Kamerlid terecht horen te komen in naslagwerken als Keesings Historisch Archief, en eventueel in een encyclopedie.”
– Noot: Keesings Historisch Archief bestaat nog steeds. Het komt voort uit een financiële databank die in 1911 is opgericht door Isaac Keesing. In 1931 begon deze Keesing zijn historisch archief als een wekelijks verschijnende uitgave. Het ‘geïllustreerd dagboek van het hedendaags wereldgebeuren’ gold als een onmisbare bron voor journalisten, politici en historici, ofschoon de publicatie nooit meer dan vijfduizend abonnees telde. In 1991 veranderde Keesings Historisch Archief van een weekblad in een maandblad. Het archief wordt maandelijks aangevuld met zo’n 250 artikelen en telt inmiddels meer dan 110.000 artikelen. Het is nu nog steeds te raadplegen op www.kha.nl.

Pag 72,73 – “Wikipedia”:
“Een Wikipedia-artikel is actueel en dus nooit af; het is meer een proces dan een product. Dat onderscheidt Wikipedia vanzelfsprekend van andere encyclopedieën en annalen. Wikipedia is neutraal zoals een encyclopedie hoort te zijn – sporadische uitglijders daar gelaten – maar actueler dan de meeste nieuwsprogramma’s op de radio, het medium dat de naam heeft het nieuws het snelst te brengen.”
– Noot: Shirky, 2008.

Pag 79 – “Wikipedia en publieke gegevens”:
“Dat vond de raadsman van Wikipedia ook. Hij achtte de kans klein dat Patricia Remak een rechtszaak zou kunnen winnen. ‘Wikipedia is niet verplicht de gegevens te verwijderen nu het ging om feitelijke informatie over een persoon met een publieke functie welke informatie in verband met die functie relevant was. Er is weliswaar sprake van persoonsgegevens, maar het belang van Wikipedia deze te mogen publiceren is een gerechtvaardigd belang; er is sprake van vrijheid van informatie in deze, ook na lezing van het richtsnoer “publicatie persoonsgegevens op internet”, zolang maar de kale feiten worden vermeld.’”
– Noot: Ontleend aan een e-mail aan de auteur, afkomstig van de Wikipediamoderator die verantwoordelijk was voor het lemma over Patricia Remak.

Pag 82,83 – “scheldmails”:
“Zonder begrip geen ironie. Wie niet snapt dat de GeenStijl-verwensing ‘Ga ’s deaud’ een moderne vorm van ironie is, die in sommige situaties wel werkt maar buiten haar context niet, die is toegestaan in de comments van GeenStijl maar absoluut niet geestig is tegen een wildvreemde voorbijganger op straat, stuurt een haatmail naar een medescholier die hij niet ziet zitten of naar een parlementariër met wie hij van mening verschilt. Die normvervaging heeft er volgens de Haagse politie toe geleid dat het aantal kogelbrieven, dreigtelefoontjes, haatraps en scheldmails, gericht aan ministers en Kamerleden, in de eerste helft van 2008 al tweemaal zo groot was als een jaar eerder.”
– Noot: De Volkskrant, 19 juli 2008.

Pag 84 – “The New Statesman over ironie”:
“Zelfs de pornoboeren op internet kunnen hun sites sluiten nu John Doe – de Amerikaanse Jan Modaal – weer het plezier ontdekt van huiselijke seks.”
– Noot: Charlotte Raven, The genuine article, The New Statesman, 4.08.2003.

Pag 84, 85 – “Time over ironie”:
“Het enige goede dat uit de terreuraanslagen kan voortkomen, schrijft een commentator in het weekblad Time, is dat de natie zichzelf weer serieus gaat nemen.”
– Noot: Roger Rosenblatt, The age of irony comes to an end, Time, 24.0.2001.

Pag 87 – “Spaink over Lost”:
“Alle media werden het speelveld van Lost, schrijft Spaink.‘Er werden websites en advertenties gemaakt voor bedrijven die alleen in Lost bestaan maar die zich volkomen overtuigend presenteerden, er werden fictieve personen ontworpen en via internet van een leven voorzien, er werd een boek gepubliceerd van een overlevende van de crash, er werden sites van in Lost genoemde bedrijven “gehackt”, er werd een mysterieuze stichting ontdekt, er werden aanwijzingen voor de ontwikkelingen in het plot gegeven. Miljoenen mensen speelden mee in The Lost Experience en trachtten puzzelstukjes te vinden, en sommige elementen ervan — zoals de Hanso Foundation — kwamen uiteindelijk in de serie zelf terecht. De grens tussen spel en realiteit, tussen media en ervaring, tussen bedachte wereld en leefwereld werd zoveel mogelijk neergehaald.’”
– Noot: Karin Spaink, Mediamix, Uit de vaste kanalen, gevangen in sporen, Essay op verzoek van de Raad voor Cultuur, in: Mediawijsheid in perspectief, januari 2008 (zie: www.mediawijsheidinperspectief.nl).

Pag 89 – “Honore over haast”:
“‘Tegenwoordig is iedereen haastziek. We horen allemaal bij dezelfde snelheidscultuur,’ schreef journalist Carl Honoré in Slow.”
– Noot: Honoré, 2004.

Pag 92 – “Leigh over slow journalism”:
“‘Je kunt op elke straathoek junkfood krijgen,’ schrijft Leigh. ‘En junk journalism bijna net zo makkelijk. Maar zoals er nu een slowfoodbeweging is, zou ik ook meer slow journalism willen zien.’Die journalistiek zou respect moeten hebben voor de verslaggever als kalme verzamelaar van feiten. Voor de kundige vakman die onafhankelijk is, die leugens ontwart en daarvoor fatsoenlijk betaald wordt. Maar herwaardering voor de professionele journalist zelf is volgens Leigh onvoldoende als mediabedrijven aan macht en invloed blijven verliezen. En dat doen ze, nu massamedia uit elkaar vallen, versplinteren tot duizenden websites en duizenden digitale kanalen die financieel allemaal even zwak zijn.‘De verslaggever zal moeten vechten om nog gehoord te worden in de kakofonie van duizend andere stemmen.’”
– Noot: David Leigh, Are reporters doomed? The Guardian, 12.11.2007.

Pag 93 – “Carter en ironie”:
“Toen Graydon Carter, hoofdredacteur van Vanity Fair, het einde van de ironische eeuw afkondigde, duurde het nieuwe, onironische tijdperk minder dan twee weken.Het satirische weekblad The Onion begon na een week weer te verschijnen,met koppen als ‘VS zweren iedereen te verslaan met wie we in oorlog zijn’ en ‘Rest van het land heeft het even te doen met New York’. Alhoewel Hollywood werd opgeroepen zich in te houden met geweldfilms, en er even geen markt leek te zijn voor films waarin terroristen verschrikkelijke dingen doen met vliegtuigen, steeg de verhuur van het diehard-genre gewoon door. Grappen over seks, de president en Osama bin Laden waren niet minder populair, evenmin als het vederlichte vertier van sitcoms, realityshows en soaps.”
– Noot: Michiko Kakutani, The age of irony isn’t over after all; assertions of cynicism’s demise belie history, The New York Times, 9.10.2001.

Pag 101 – “Van der Eem over geld”:
“In een poging het verhaal simpel en eendimensionaal te houden, verzweeg De Vries verder dat Van der Eem aanvankelijk
250000 euro had gevraagd, maar genoegen had genomen met een
tiende van dat bedrag, in ruil voor een aandeel in de royalty’s bij verkoop van de tv-uitzending naar het buitenland. Uiteindelijk verdiende Van der Eem, zo vertelde hij later de Volkskrant en iedereen die het horen wilde, toch drie ton aan de zaak nadat SBS de uitzendrechten voor 830000 euro – het bedrag dat Van der Eem zelf noemde – verkocht aan de Amerikaanse zender ABC. En dan moest de opbrengst van zijn eigen boek, Overboord. Hoe ik Joran aan het praten kreeg, nog binnenstromen.”
– Noot: Menno van Dongen en Maud Effting, ‘Het is de gangster in mij die ik teruggehaald heb’, interview met Joran van der Sloot, de Volkskrant, 24.06.2008.

Pag 101 – “De Joran Tapes en geld”:
“Terzijde: de financiële afwikkeling van De Joran Tapes kan nog aan navrant staartje krijgen. Het is volgens juristen heel wel denkbaar dat Joran van der Sloot auteursrechten kan doen gelden op de uitzendingen van SBS.”
– Noot: Fulco Blokhuis, De Joran-tapes, de Volkskrant, 5.02.2008.

Pag 103 – “de intenties van Peter R. de Vries”:
“Peter R. de Vries toonde zijn oprechte betrokkenheid – ik twijfel aan zijn methodes, nauwelijks aan zijn intenties – in het emotionele interview met de moeder van Natalee Holloway – maar speelde met een tegoed dat hij niet had.”
– Noot: Ik schreef na de uitzending van Peter R. de Vries een commentaar in mijn eigen krant, Dagblad van het Noorden, dat werd overgenomen door enkele bladen van de GPD, het samenwerkingsverband van regionale kranten in Nederland.

Pag 104 – “Wagenaar over Van der Sloot”:
“Waar een verdachte in een zuiver proces helder van geest moet zijn om uit vrije wil over zijn berechting te kunnen oordelen, was Van der Sloot zodanig gedrogeerd dat we moeten
twijfelen aan zijn bewustzijnstoestand, zei rechtspsycholoog
professor Willem Wagenaar. Na zijn ervaringen in de Puttense
moordzaak wist uitgerekend De Vries, aldus Wagenaar, aan welke
eisen een verhoor moet voldoen en hoe vaak het voorkomt dat iemand ten onrechte iets ‘bekent’.”
– Noot: Willem Wagenaar, Heeft Joran eigenlijk wel een echte bekentenis gedaan?, 7.02.2008.

Pag 104 – “Brouwer over bewijsmateriaal”:
“Zoals de hoogste baas van het Openbaar Ministerie, Harm Brouwer, constateert: ‘Als het bewijsmateriaal je op een presenteerblaadje wordt aangereikt, mag je er naar hartenlust van snoepen.’”
– Noot: Harm Brouwer, Gonsalveslezing, 15.2.2008 (via www.gonsalvesprijs.nl).

Pag 105 – “Brouwer over burgeropsporing”:
“Tijden veranderen. Brouwer toont zich in zijn verhaal over juridische innovaties, Burgerparticipatie en Burgeropsporing, bezorgd over de ‘Youtubisering’ van het strafrecht. Hij doelt op het verschijnsel dat burgers steeds vaker filmpjes op internet zetten die moeten aantonen dat anderen iets strafbaars hebben gedaan – hoe de buurman zwart klust bijvoorbeeld – of dat veroordeelde X niet de dader is, maar Y. Die burgers doen, met andere woorden, wat Peter R. de Vries voordoet. Zoals de misdadjournalist zich gelegitimeerd moet voelen door de normen die volgens Brouwer in een digitale cultuur ontstaan.”
– Noot: idem.

Pag 106 – “de klusjesman”:
“In een jaren slepende campagne voor rechtvaardigheid bracht Maurice De Hond feiten boven tafel die leken aan te tonen dat de veroordeelde fiscalist Ernest Louwes de moord, in 1999, op de weduwe Jacqueline Wittenberg niet kon hebben gepleegd. In zijn poging een rechterlijke dwaling te bewijzen, vergelijkbaar met de Puttense moordzaak, incrimineerde hij ‘de klusjesman’, die hij met naam en toenaam noemde waar hem dat gepast leek.”
– Noot: De naam van de klusjesman staat op Wikipedia, wat op zichzelf een interessante juridische casus over vrije meningsuiting en privacy zou moeten opleveren.

Pag 110 – “Solove en Dogpoopgirl”:
“‘Goed of slecht, het internet is een wrede historicus,’ citeert de jurist Daniel J. Solove een comment in zijn boek The future of reputation. ‘Wie wil voor altijd door het leven gaan als de Dogpoopgirl?’”
– Noot: Solove, 2007.

Pag 118 – “Pew over digital footprints”:
“Jongeren hebben leren leven met die digital footprints. Meer dan voorheen zijn ze zich bewust van hun sporen op internet. Volgens een onderzoek van het onafhankelijke Amerikaanse instituut Pew zoekt nu 47 procent van alle netgebruikers naar informatie over zichzelf, vergeleken met 22 procent vijf jaar geleden.”
– Noot: Pew, Digital Footprints, http://www.pewinternet.org/pdfs/PIP_Digital_Footprints.pdf

Pag 119 – “Hins over vonnissen”:
“Om die reden worden vonnissen van de rechter bijna altijd geanonimiseerd als ze op internet – www.rechtspraak.nl – worden gezet. Bij de uitspraak is de naam van de betrokkene natuurlijk wel voluit genoemd, maar dat die op dat moment openbaar was, betekent niet dat dat voor altijd zo zal blijven. Eens openbaar, altijd openbaar is veranderd in: eens openbaar, daarna niet meer.”
– Noot: Bron: Wouter Hins, Eens openbaar, altijd openbaar? Over de status van uitgelekte informatie. In: Opstellen over informatierecht aangeboden aan prof. mr. E.J. Dommering, Amsterdam, Otto Cramwinckel Uitgever, 2008.

Pag 120, 121 – “de code van archivarissen”:
“De in 1996 aangenomen internationale Code of conduct van archivarissen begint met deze regel: ‘De archivaris dient de integriteit van het archiefmateriaal te beschermen en zo te garanderen dat het een betrouwbare getuigenis van het verleden
blijft.”
– Noot: De internationale code is vastgesteld door de International Council on Archives en overgenomen door de Koninklijke vereniging van archivarissen.

Pag 121 – “the long tail”:
“Door de digitalisering van informatie, de vrijwel gratis distributie via internet en de doorzoekbaarheid met Google is echter een long tail of information ontstaan. Dat is, naar analogie met andere longtailmarkten (boeken, muziek) een informatiemarkt waarin niet alleen de hits exploitabel zijn (het breaking news van vandaag), maar ook de talloze artikelen
waarvoor slechts een enkeling belangstelling heeft.”
– Noot: Anderson, 2006.

Pag 122 – “Van Ess over Google”:
“Onderzoeksjournalist en zoekmachine-expert Henk van Ess wijst erop dat veel informatie, en zelfs complete archieven, door derden worden gekopieerd zonder dat de eigenaar van de informatie daar erg in heeft. Bovendien zijn er andere zoekmachines dan Google die ook verwijderde informatie veel langer vasthouden dan zes maanden, de norm die Google hanteert. Met andere woorden: de-publiceren of anonimiseren garandeert niet dat Marius Coetzee nooit meer met zijn verleden wordt geconfronteerd.”
– Noot: Informatie in dank ontleend aan e-mail van Henk van Ess. Google’s geheugen makkelijker te wissen, Planet, 19.6.2007.

Pag 129 – “Business Week over correcties”:
“De krant rectificeert berichten als die niet blijken te kloppen. Andere media zoals Business Week publiceren een enkele keer een vernieuwde en geactualiseerde versie van een oud artikel indien dat nog steeds op internet veel lezers trekt.”
– Noot: Business Week, 28.5.2008.

Pag 130 – “Carr over seo”:
“Kan The New York Times, volgens velen de beste krant in de wereld, het probleem dan niet met technische middelen oplossen? Kun je, suggereerde IT-kenner Nicholas Carr, de zoekmachines met search engine optimization zo africhten dat ze betwiste artikelen per se omlaag drukken?”
– Noot: Nicholas Carr, Should The Net Forget?, Roughtype, 26.8.2007.

Pag 130 – “Hoyt over het archief”:
“Hoyt: ‘Welke normen zou je moeten gebruiken? Welke belangrijke informatie zou je onderstoppen? Wat als je een klager zou toestaan commentaar te plaatsen in het archief? Hou zou je dan moeten toezien op de juistheid van dat commentaar?’”
– Noot: When Bad News Follows You, Clark Hoyt, The New York Times, 26.8.08.

Pag 131 – “Meens over het Volkskrantmeisje”:
“Telkens opnieuw is het een heikele afweging. Elke keer moet worden beoordeeld of de particuliere wens zwaarder weegt dan het algemeen belang. Veel meer valt er niet over te zeggen. Of het moet zijn dat de fout in het geval van ‘het Volkskrantmeisje’ al bij de eerste publicatie werd gemaakt. Er was onvoldoende rekening gehouden met haar belang. Haar was niet gevraagd hoe zij erover dacht. En niemand had haar, of haar ouders, geattendeerd op het feit dat Google haar tien jaar later zou terugvinden. Dat kon ook niet. Google bestond nog niet. Terecht – het lijkt me de belangrijkste les die journalisten hiervan kunnen leren – stelt ombudsman Meens dat ‘het geen kwaad [zou] kunnen als journalisten die boze of verdrietige mensen interviewen, zeggen dat de tekst niet alleen de papieren krant haalt, maar ook het elektronische archief en via dat archief in principe de hele wereld’.”
– Noot: Thom Meens, De vervelende gevolgen van een oud interview, de Volkskrant, 13.09.2008. Op zijn weblog heeft Thom Meens zijn eerste standpunt (niet weghalen uit het archief) bijgesteld.

Pag 131, 132 – “Hins over archieven”:
“Kan het niet anders? Kunnen we digitale archieven niet afsluiten voor Google, zoals de Nederlandse jurist Wouter Hins voorstelde?”
– Noot: Wouter Hins, Het ijzeren geheugen van internet, Ars Aequi, juli/augustus 2008.

Pag 132, 133 – “Kraus en seo”:
“Wie Allen Kraus nu googelt, vindt zijn eigen website als tweede resultaat, na een artikel over search engine optimization, maar twee plaatsen hoger dan de column van ombudsman Hoyt.”
– Noot: Jack Shafer, Blaming The Times For Your Bad Reputation, Slate, 6.9.2007.

Pag 137 – “Wester en Prinsjesdag”:
“Parlementair verslaggever Frits Wester had in 2004 en 2005 de smakelijkste trofee.”
– Noot: Eerste Prinsjesdag zonder embargo, NOS Journaal, 12.09.2006. Via http://www.nos.nl/nosjournaal/dossiers/prinsjesdag2006/embargo.html

Pag 137 – “Broertjes over de RVD”:
“‘Als ik de RVD was,’ zei Volkskrant-hoofdredacteur Pieter Broertjes, ‘zou ik geen afspraken meer maken met deze vertegenwoordigers van de journalistiek, want er valt geen afspraak met hen te maken.’”
– Noot: Ophef over embargo voor Prinsjesdag, NRC, 15.09.2003.

Pag 142 – “Barlow over intellectueel eigendom”:
“Tien jaar na Stewart Brand formuleerde John Perry Barlow, dichter, essayist en medeoprichter van de Amerikaanse burgerrechtenbeweging Electronic Frontier Foundation, het dilemma opnieuw. Als intellectueel eigendom – waaronder tekst, muziek en
beeld – zonder veel moeite kan worden gekopieerd en verspreid,
hoe beschermen we het dan? En als dat niet lukt, wat garandeert
ons dan dat er nog steeds creatief werk kan worden gemaakt en
verspreid?”
– Noot: John Perry Barlow, The economy of ideas, Wired, 2.8, maart 1994.

Pag 143 – “Barlow over auteursrecht”:
“Het grote probleem van auteursrecht op internet, schreef Barlow in 2000, is dat geen enkele wet opgelegd kan worden aan een grote gemeenschap als die wet niet moreel wordt ondersteund en als die gemeenschap eenvoudige middelen heeft om eronderuit te komen. Hij refereerde aan het muzieknetwerk Napster, dat kort tevoren door een rechter was verboden. ‘The war is on, all right, but to my mind it’s over. The future will win; there will be no property in cyberspace.’”
– Noot: John Perry Barlow, The next economy of ideas, Wired, 8.10, oktober 2000.

Pag 144,145 – “de rechtszaak kranten.com”:
“Acht jaar later moet iedereen toegeven dat het kort geding tegen Kranten.com tamelijk onzinnig was. Natuurlijk vond de Rotterdamse rechter niet dat er sprake was van inbreuk op het auteursrecht of het databankenrecht. Wie koppen en de eerste regels van een bericht citeert en daarmee doorverwijst naar het complete bericht, doet volgens de rechter niet aan ‘verveelvoudiging’, het belangrijkste criterium van de Auteurswet. Het databankenrecht is bedoeld om bedrijven te beschermen die veel moeite hebben gedaan en geld hebben geïnvesteerd om een bijzondere verzameling gegevens te ontsluiten. Vaak is die database – denk aan de Gouden Gids – hun belangrijkste bron van inkomsten. In het geval van PCM vond de rechter dat de kranten zelf niet al te veel werk hadden gemaakt van hun databanken. Ze hadden er niet ‘substantieel’ in geïnvesteerd. De rechter bedoelde dat PCM zijn databanken en internet er, relatief gezien, vooralsnog een beetje bij deed. De websites waren geen halszaak voor het krantenconcern. PCM investeerde maar mondjesmaat in internet.”
– Noot: Uitspraak van 22.08.2000.

Pag 146 – “PCM en en.nl”:
“Onder het motto ‘if you can’t beat them, join them’ heeft PCM zelf geprobeerd zo’n verzamelsite op te zetten (www.en.nl). Het initiatief struikelde over onhandigheden, tegenwerking van PCM-kranten, die elk voor zich niet op één hoop gegooid wilden worden met de andere dagbladen, en omdat internet wel toekon met één Nu.nl.”
– Noot: Van Dijk, 2003.

Pag 151 – “de pers en de Auteurswet”:
“De pers mag van de Auteurswet ietsje meer dan gewone burgers mogen. Volgens die ‘persexceptie’ in het citaatrecht mogen kranten elkaar bijvoorbeeld ruimer citeren: ze mogen het actuele nieuws van een ander persmedium overnemen. Sinds de laatste wijziging van de Auteurswet vallen daar ook websites onder die dezelfde functie vervullen als kranten; alhoewel digitale knipselkranten weer aan meer beperkingen onderhevig zijn.”
– Noot: Zie voor het citaatrecht de website van Arnoud Engelfriet, en om te beginnen het artikel ‘AD wil principe-uitspraak over citaatrecht bij nieuws’, 20.8.2008 (via blog.iusmentis.com).

Pag 153 – “alle rechten voorbehouden”:
“Als je nergens zegt dat je ‘alle rechten voorbehoudt’, maar wel voortdurend de indruk wekt dat jouw artikel op zo veel mogelijk plaatsen op internet mag opduiken, verlies je toch iets van je ‘exclusieve rechten’.Wat je overal gratis uitvent, heeft toch minder bijzondere waarde?’
– Noot: Zie de website van Arnoud Engelfriet, www.iusmentis.com.

Pag 158,159 – “ACAP”:
“Wat creative commons voor gewone websites doet, tracht ACAP te doen met ‘bots’, met de crawlers en spiders van zoekmachines. De afgelopen twee jaar hebben meer dan vierhonderd kranten in veertig landen zich bij de pilot van de WAN aangesloten. Van Het Parool tot aan The Times, van De Morgen tot aan Le Figaro. Dat klinkt veelbelovend, maar is het niet zolang leidende kranten als The New York Times liever hun eigen deal met Google sluiten, en zolang slechts één zoekmachine, Exalead, het nieuwe protocol ondersteunt. De drie grootste van de wereld, Google, Yahoo en Microsoft, samen goed voor 99 procent van alle zoekopdrachten, houden zich van den domme. Ze praten mee in de pilot, kondigen aan dat ze het protocol bestuderen, maar zullen elke voortgang zo lang mogelijk traineren. De kranten kunnen slechts de politieke pressie opvoeren of in laatste instantie alsnog de gang naar de rechter maken.”
– Noot: Noam Cohen, Paying for free web information, The New York Times, 10.12.2007.

Pag 160 – “Jarvis over journalistiek”:
“Journalisten zouden op zoek moeten gaan naar nieuw nieuws, niet naar de bevestiging van wat iedereen al weet. Volgens Jarvis ontstaat op internet een laag van links die over het andere nieuws heen ligt, links naar eigen verhalen, naar aanvullende verhalen van concurrerende media, naar bronnen, naar reacties en discussiesites. Zijn pragmatische betoog druist in tegen bijna elke traditie van journalistiek, maar Jarvis zou een groot gelijk kunnen hebben. Doe waar je goed in bent, vertel betere verhalen, en link naar de rest.”
– Noot: Jeff Jarvis, The ethic of the link layer on news, Buzzmachine, 2.06.2008. Via: www.buzzmachine.com.

Pag 162, 163 – “bloggers en journalisten”:
“De weerzin van Brussen en Stronks is onder traditionele journalisten nauwelijks minder sterk. Dat bleek andermaal in Amsterdam tijdens een debatje van de NVJ-sectie internet, eind 2007. In een zaaltje van de Schreierstoren, een monumentaal café bij de kop van de Zeedijk in Amsterdam, was ik uitgenodigd de conceptcode van het Genootschap toe te lichten. Een stuk of dertig vakbroeders en -zusters, van wie er enkelen werkten voor de websites van kranten en anderen als zelfstandig blogger enige bekendheid hadden verworven, droegen me net niet met pek en veren het pand uit. ‘Schattig’, was een van de meer vriendelijke kwalificaties. Blogger en notoir querulant Micha Kat (‘Jouw denkwijze is niet meer relevant en past niet in deze tijd’) verweet mij ‘regeltjesfetisjisme’. En Hubert Roth, beter bekend als ‘Reet’ van het weblog Retecool: ‘Wij houden ons aan geen enkele code, behalve de wet. En het is een tijdje zoeken geweest, maar het blijkt dat er best veel mag.’”
– Noot: De quotes zijn ontleend aan een verslag van Maarten Reijnders, journalist en zoals hij zelf in een disclaimer vermeldt, betrokken bij het opstellen van de nieuwe conceptcode: ‘Wij houden ons aan geen enkele code’, De Nieuwe Reporter, 30.1.2008.

Pag 164 – “het RMO-advies”:
“In 2003 liet het kabinet-Balkenende zich met twee rapporten adviseren over de kwaliteit van de media. Zowel de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) als de Raad voor Openbaar Bestuur (ROB) stelde vast dat het publieke domein gevangen zit in een patroon van ‘medialogica’ waaraan moeilijk te ontsnappen valt.”
– Noot: Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling: Medialogica. Over het krachtenveld tussen burgers, media en politiek. En: Raad voor Openbaar Bestuur: Politiek en Media. Pleidooi voor een LAT-relatie.

Pag 165 – “Barendrecht over de pers”:
“Politici durven zelfs niet meer te zeggen wat ze te zeggen hebben, schreef Maurits Barendrecht, hoogleraar privaatrecht aan de universiteit van Tilburg. Keer op keer worden ze in de pers slordig geciteerd of vinden ze hun uitspraken in een verkeerde context in de media terug. Dat chilling effect – een term die in het discours over de media gewoonlijk wordt gebruikt om uit te leggen hoe journalisten zichzelf beperkingen opleggen als er regulering dreigt – leidt er volgens Barendrecht toe dat niet alleen individuele slachtoffers worden bedreigd door de media, maar dat ook de democratie als geheel in het gedrang komt. De jurist vindt het storend dat elke suggestie van verscherpt toezicht op de media op fel verzet van journalisten stuit. ‘De pers,’ schreef Barendrecht niet zonder sarcasme, ‘is de enige bedrijfstak met een eigen grondwet’.”
– Noot: Klachten over mediapublicaties, Studiecommissie van de vereniging voor media- en communicatierecht, Mediaforum 2007/5.

Pag 167 – “het proefschrift van Mentink”:
“In zijn proefschrift Veel raad en weinig baat constateert Mentink dat de Raad op weinig gezag kan rekenen in de beroepsgroep. Dat komt volgens de jurist doordat de Raad te veel zaken in behandeling neemt. Een groot deel van die zaken wordt niet ontvankelijk verklaard. Dat gebeurt echter pas ter zitting, als klagers en beklaagden zijn komen opdraven in een zaaltje aan de Johannes Vermeerstraat in Amsterdam. De Raad zou meer klachten moeten seponeren, vindt Mentink, en in een veel groter aantal gevallen moeten bemiddelen. Journalisten moeten verplicht worden naar de zitting te komen; in 30 procent van de gevallen doen ze dat nu niet. Bovendien moet de Raad een gedragscode publiceren zodat duidelijk wordt welke criteria hij hanteert.”
– Noot: Mentink, 2006.

Pag 167 – “Knapen over internet”:
“De opkomst van nieuwe media speelt daarbij een rol. Die leidt tot ‘vulgarisering van de publieke ruimte’, zei oud-hoofdredacteur van NRC Handelsblad Ben Knapen in zijn oratie als hoogleraar Media en Kwaliteit aan de Radboud Universiteit in Nijmegen: ‘Veel internet is niets anders dan dom gedram en digitaal narcisme. De acceptatie, ja omarming van dit deel van de internetrevolutie is geschied door een coalitie die bestaat uit vulgair-marxisten van het egalitarisme en uit hogepriesters van de vrije markt. Ze hebben elkaar gevonden in een alles-is-gratis-, alles-is-van-iedereencultus en in een orgie van collectief non-conformisme. Internet heeft de publieke ruimte met een saus van hufterigheid overgoten.’”
– Noot: NRC 21.6.2008

Pag 167 – “Dommering over internet”:
“Dommering is blij met de makkelijke toegang tot informatie, die we aan internet te danken hebben. Hij staat aan de kant van pessimisten als Keen en Knapen wanneer hij bezwaar maakt tegen consumenten die niet meer voor informatie willen betalen: ‘Dan staat alles rijp en groen op het internet, terwijl krantenredacties gaan bezuinigen. Omdat alleen nog betaald wordt voor reclame, verdwijnt het intellectuele eigendom. Die “squeeze” is heel gevaarlijk. Politici gaan zich dan alleen nog maar laten leiden door de oprispingen van burgers op websites, terwijl de overheid voortbanjert met de opslag van gegevens van burgers en het verzorgen van nieuws via voorlichters. Dan heb je een crisis van de elites.’”
– Noot: Egbert Dommering in een interview met NRC, geciteerd op www.henkblanken.nl, 11.5.2008.

Pag 167 – “Dommering over een beschavingsideaal”:
“Daar is alleen het kruid van een ‘beschavingsideaal’ à la Huizinga tegen gewassen, stelt Dommering.”
– Noot: Dommering verwijst uiteraard naar de Nederlandse historicus Johan Huizinga (1872-1945).

Pag 171 – “de NVJ over een code”:
“Een tikje plompverloren stelt de studiegroep dat de NVJ maar de vereniging moet zijn die gaat waken over de journalistieke code. De vakbond voelt daar niks voor. Journalistiek, zeggen NVJ-secretaris Thomas Bruning en journalist Agnes Koerts, is een vrij beroep, en dat moet zo blijven.”
– Noot: Thomas Bruning en Agnes Koerts, Zelfregulering ja, beperking op de beroepsuitoefening nee, via: www.villamedia.nl

Pag 174 – “bloggers over het rapport-Dommering”:
“Een enkele blogger merkte op dat het rapport-Dommering ‘veel trekken heeft van een slecht journalistiek artikel: ongefundeerde verdachtmakingen, onvoldoende transparantie over gegevens en aannames en blijk van vooringenomenheid’.”
– Noot: Blogger en journalist Arno van ‘t Hoog, De Nieuwe Reporter, 30.6.2007.

Pag 185, 186 – “het onderzoek naar de martelprimeur”:
“De misgreep komt hem duur te staan nadat de Volkskrant op 17 november 2006 paginabreed opent met de kop ‘Nederlanders martelden Irakezen’. Met die primeur is op de keper beschouwd weinig mis, behalve de term ‘martelen’. Later komt vast te staan dat Nederlandse militairen in Irak inderdaad buiten hun boekje zijn gegaan, dat ze geen krijgsgevangenen mochten verhoren en al helemaal geen ‘harde’ verhoormethoden mochten gebruiken. Nooit wordt bewezen dat een Saudische gedetineerde met een wapenstok is behandeld – de man overleed voor hem naar zijn ervaringen kon worden gevraagd. Het gooien met water en harde muziek waren beslist ‘onfatsoenlijk’.Maar ‘ongepaste verhoortechnieken’ zijn nog iets anders dan ‘martelingen’.”
– Noot: Onderzoeksrapport van de Commissie Van den Berg en Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten, via: website van het ministerie van Defensie, 18.6.2007.

Pag 187 – “Thom Meens over de martelprimeur”:
“Maar zelfs zijn ‘eigen’ ombudsman Thom Meens houdt zijn twijfels:‘Het blijft vreemd dat een artikelenreeks waaraan vijf maanden wordt gewerkt, uitgerekend vijf dagen voor cruciale verkiezingen publicabel is. Alle betrokkenen verzekeren dat zij geen moment aan eventuele politieke gevolgen hebben gedacht; als dat zo is, is de redactie naïever en meer wereldvreemd dan ik in mijn nachtmerries soms vrees. Iemand moet zich toch bewust zijn geweest van de schade die dit VVD-minister Kamp zou toebrengen.’”
– Noot: Thom Meens, Martelen en mishandelen, de Volkskrant, 22.11.2006. Als ombudsman heeft Thom Meens vaker over de kwestie geschreven. Zijn columns zijn te vinden op ombudsman.volkskrantblog.nl.

Pag 189 – “intern onderzoek van de Volkskrant”:
“Hoedeman schreef een reconstructie, die onmogelijk transparant en fair kon zijn, voor zowel de krant, de militairen in Irak en minister Kamp als voor de verslaggever – zoveel zelfkritiek mag je van niemand verwachten. De Volkskrant had natuurlijk een andere verslaggever die terugblik moeten laten schrijven, zoals de krant jaren eerder ook twee door de wol geverfde journalisten uit eigen kring een zeer gedegen onderzoek had laten doen naar de eigen, omstreden berichtgeving over Srebrenica.”
– Noot: Jos Klaassen en Theo Klein, Srebrenica in de Volkskrant 1991-1995, uitgave van de Volkskrant, 2002.

Pag 193, 194 – “het verschoningsrecht”:
“Toen Koen Voskuil niettemin werd vastgezet, raakte het vertrouwen in een door het Europese Goodwin-arrest geregeld verschoningsrecht aan het wankelen. Het Genootschap van Hoofdredacteuren en de NVJ vroegen een commissie onder leiding van de Amsterdamse rechter Willem Korthals Altes een onderzoek te doen naar de knelpunten op het gebied van bronbescherming en – een aanpalend terrein – de inbeslagname van journalistiek materiaal als foto’s, videobeelden en notitieblokjes.”
– Noot: Rapport commissie verschoningsrecht, 30.10.2001.

Pag 194 – “politie-optreden en de pers”:
“Als er rellen zijn in een stadion, dwingen suppoosten
hen te stoppen met filmen en worden ze aangehouden en mishandeld door agenten die de beveiligers te hulp schieten.”
– Noot: Rapport commissie verschoningsrecht, 30.10.2001. In dit geval gaat het om rellen bij het Feyenoordstadion in Rotterdam, tijdens Euro 2000.

Pag 194 – “de bijzondere rechten van journalisten”:
“Journalisten zijn gewone burgers, maar mogen soms iets meer. Onder bijzondere omstandigheden mogen ze gebruik maken van
geheime, desnoods gestolen informatie – wat overigens niet wil
zeggen dat ze zelf mogen inbreken. Daarnaast hebben ‘erkende’
journalisten bepaalde kleine privileges. Zij krijgen persberichten van de overheid. Zij mogen onder embargo de troonrede wat eerder lezen. Ze kunnen toegang krijgen tot de perstribune in de Tweede Kamer. In de rechtbank staan een aparte tafel en stoelen, en kunnen journalisten met een laptop als het meezit hun artikel via een draadloos netwerk doorsturen naar de krant. Bij het vergaren van nieuws rekken ze soms de regels op – ze vervalsen een rijbewijs, ze gaan onder valse naam op Schiphol werken –, maar steeds blijkt dat ze zich kunnen beroepen op een strafuitsluitingsgrond.”
– Noot: Schuijt, 2006.

Pag 199 – “bindingen in een digitale cultuur”:
“In de netwerksamenleving zijn traditionele onderlinge banden losser. Van een langlopend commitment aan kerk, krant, merk of kroeg is zelden nog sprake. Als zich al normen en waarden opdringen, dan de relativerende, ironische, makkelijk inwisselbare doe-het-zelf-beginselen van de digitale cultuur.”
– Noot: Putnam, 2000.

Pag 202 – “Davies over de massamedia”:
“De massamedia die onze blik op de wereld moeten verruimen, concludeert Davies somber, bedriegen ons systematisch, een enkele keer doelbewust, maar vaker met de beste bedoelingen en uit onmacht.”
– Noot: Davies, 2008.

Pag 216,217 – “gratis content op internet”:
“Dat geldt ook voor het laatste nieuws dat we nu overal kunnen downloaden. Het geldt voor muziek die zo makkelijk van internet te halen is dat jonge consumenten amper beter weten dan dat een mp3’tje gratis is. Het net is een uiterst efficiënt distributieplatform. Wat digitaal gekopieerd kan worden, verspreidt zich in een steeds hoger tempo. Het is een sneeuwbal die niet meer te stoppen is – zo overrompelend zelfs, dat al wat ooit op internet terecht is gekomen er nooit meer helemaal van te verwijderen valt. Wie dat niettemin probeert, dweilt met de kraan open.”
– Noot: Kevin Kelly, Better Than Free, The Technium, via www.kk.org.

Pag 220 – “het afluisteren van journalisten”:
“Omdat de strijd tegen internationaal terrorisme dat noodzakelijk schijnt te maken, moeten data van telefoongesprekken en internetverkeer jarenlang worden bewaard. In Nederland worden op last van justitie verhoudingsgewijs meer telefoongesprekken afgeluisterd dan in enig ander land. Ook die van journalisten: de AIVD mag dat doen, zo bepaalde de Hoge Raad in een zaak die was aangespannen door twee journalisten van De Telegraaf.”
– Noot: AIVD mag journalisten afluisteren, Nu, 11.7.2008.

Pag 221 – “reaguurders”:
“Erg verheffend is dat exhibitionisme niet; het is de pornografie van het dagelijks leven. Er moet iets zijn in het internet waardoor gewone mensen veranderen in malloten, of er moet iets zijn in die malloten dat ze naar internet toe drijft, schreef een Amerikaanse journalist.”
– Noot: Tim Barker, Fighting Web Rage, St Louis Post Dispatch, 05.02.08

Pag 224 – “De Swaan over het nationale slechte humeur”:
“Het nationale slechte humeur, zoals de socioloog Abram de Swaan het noemt, werd bij voorkeur botgevierd op nieuwkomers
en minderheden. De naakte burger heeft geen zekerheden meer.
En wie niets weet, en wéét dat hij niets weet, reageert bitter en boos.”
– Noot: De Swaan, 2007.

Pag 227 – “de vrijheid van de pers”:
“Freedom of the press, heette het cynisch in de eeuw van de massamedia, komt toe aan wie een drukpers bezit. Als je het niet met me eens bent, zou de uitgever van het opinieblad Elsevier eens hebben gezegd,moet je niet zeuren als ik je mening niet wil afdrukken, maar zelf zo’n blaadje beginnen.”
– Noot: Anekdote van Arendo Joustra, verteld op een bijeenkomst in Leiden, 7.2.08.

Pag 231 – “het recht gevonden te worden”:
“Sommige juristen vinden dat de vrijheid van meningsuiting op internet betekent dat burgers onderling elkaar de ruimte moeten geven. De persvrijheid zou een horizontale werking moeten hebben. Die kleine voorhoede van rechtswetenschappers stoort zich vooral aan de almachtige willekeur van zoekmachines. Vrijheid van meningsuiting betekent niet alleen dat je moet kunnen zeggen wat je wilt, en moet kunnen luisteren naar wat jou de moeite waard lijkt. Er zou ook een recht moeten zijn op een publiek, waarbij je geen last zou moeten hebben van iemand die dat publiek voor je selecteert, volgens criteria waarop je zelf geen invloed hebt.”
– Noot: De vraag over de rechten en plichten van zoekmachines wordt uitgebreid behandeld op Iusmentis.com, de juridische weblog van Arnoud Engelfriet.

Pag 232 – “nieuws dat mij vindt”:
“‘Als het nieuws echt belangrijk is, vindt het mij wel,’ zeiden jongeren in The New York Times.”
– Noot: Brian Stelter, Finding Political News Online, the Young Pass It On, The New York Times, 27.3.2008.

Pag 233 – “over het schalen van gemeenschappen”:
“Sommige fenomenen van internet winnen aan kracht naarmate ze intensiever worden gebruikt. Google bijvoorbeeld. Maar een discussie verliest haar betekenis als die te massaal wordt. Discussie ‘schaalt’ niet. Een ongemodereerd debat op internet ontspoort uiteindelijk altijd en mondt naarmate er meer mensen aan meedoen gegarandeerd eerder uit in een scheldpartij over de vraag of er een moderator nodig is. Gemeenschappen op internet, de oude nieuwsgroepen net zo goed als Hyves, verliezen hun waarde als ze te omvangrijk worden. Mensen haken dan af.”
– Noot: Shirky, 2008.

Pag 234 – “de massa en internet”:
“Internet lijkt op het medium van de massa, maar is dat juist niet. Op het net ontstaan nieuwe, organisch uitdijende en krimpende entiteiten, zonder leider, zonder hiërarchie, en zonder structuur.”
– Noot: Leadbeater, 2008.