Niet elke community is een community

Voor zover uitgevers nog een internetstrategie hebben, en niet terugvallen op eerder mislukte betaalmodellen, zoeken ze hun heil in communities. Want daarmee is geld te verdienen – zie Hyves, Facebook, MySpace. Maar niet elke community is een community.

Via blogger en journalist Jeroen Mirck lees ik een helder betoog van Jasper van Impelen over de mogelijkheden en onmogelijkheden van online gemeenschappen. Simpele adviezen die er op neer komen dat je als uitgever of journalistieke organisatie waarde moet toevoegen. Het begint met brengen.

Uitgevers hebben daar moeite mee. Ze willen wel iets brengen, maar niet te veel. Want dat kost geld dat moet worden terugverdiend. En wat meer in de weg zit: ze zijn gewend aan een nauwe relatie met hun communityleden terwijl ze op internet ontdekken dat elke relatie vluchtig is, en weinig oplevert.

Kranten en tijdschriften maken zichzelf graag wijs dat ze al een community hebben: ze zijn het immers zelf, met hun lezers. Dat is offline wel zo: mensen zijn nog steeds “lid” van hun krant, en blijven dat vaak een leven lang.

Maar het is een illusie te denken dat je dat model, met al zijn kwaliteiten en eigenaardigheden, kunt overzetten naar online. Online communities zijn kleiner: denk aan honderden of duizenden leden, liever dan aan de 100.000 die je gewend bent. En ze gaan niet over alles, zoals een krant, maar over weinig, of over slechts een onderwerp.

Daar staat tegenover dat online communities actiever zijn, graag meedenken met hun topic (de kwaliteit van de Dell-helpdesk, beschreef Jeff Jarvis), en gepassioneerd zijn. Wat uitgevers wel kunnen doen? Inspireren, onderwerpen aandragen, voeden. En samenbrengen en ontsluiten wat dat allemaal oplevert.

Reacties zijn gesloten.