Het nieuws in een prijskartel

23 augustus 2009 Geen categorie 0

Amerikaanse dagbladen onder aanvoering van Murdochs News Corporation zijn van plan een consortium te vormen zodat het als een front geld kan vragen voor nieuws. Zou dat ook in Nederland kunnen? En hoe lang zou het duren voordat de NMA zich op dat krantenkartel zou storten?

Zo’n prijskartel is om een reden een uitstekend initiatief en om vijf andere redenen kansloos. Het goeie nieuws is dat die Amerikaanse kranten nu samen over nieuwe verdienmodellen nadenken. Ze beginnen eindelijk te innoveren. En een kat in het nauw komt soms op een goed idee.

Maar een consortium vormen om de prijs van nieuws op te drijven, lijkt me niet het juiste middel om de journalistiek te redden. Ouderwetse, typisch 20ste eeuwse, monomediale noodgreep die de vernieuwing van de nieuwsindustrie en de journalistiek een jaar of twee zal domineren, goud geld zal kosten en dan net als de vorige keer zal falen.

Waarom dom?

Nieuws is duur om te maken. Journalisten kosten geld. Naar mate ze meer hun best moeten doen om het nieuws te ontfutselen aan een groeiend leger van pr-functionarissen, woordvoerders, voorlichters en spindoctors, kost het die journalisten meer moeite, tijd en geld. Nieuws kortom, “kost duur”.

Maar op internet lijkt nieuws gratis. Er is zo veel aanbod, van zulke verschillende nieuwsmakers, dat je het laatste nieuws altijd wel ergens kunt vinden. Persbureau’s als ANP en AP verspreiden het zelf of via sites die nauwelijks iets anders publiceren dan die wires. Kranten pompen datzelfde nieuws rond, net als radio en tv-stations. En als het interessant is, pakt het publiek het op, tikt het over, citeert de koppen, verwijst ernaar, toetert het rond. De kern van het nieuws, meestal samen te vatten in een regel op Teletekst 101, is zodanig overal te vinden dat niemand er straks een verslaggever van Murdochs News Corp voor zal betalen.

Behalve praktische zijn er ook wettelijke bezwaren tegen een prijskartel. Het mag niet van de NMA en evenmin van de Amerikaanse antitrust-wetgeving. Het kost de Nederlandse krantenconcerns al moeite afspraken te maken over gezamenlijke bezorging zonder de wet te overtreden, laat staan dat ze vast kunnen leggen welke micropayments er op het web moeten zijn.

Een rtv dan?

Maar stel dat het zou lukken, stel dat de 1400 overgebleven Amerikaanse kranten allemaal achter een betaalhek zouden gaan. Om te beginnen zouden ze allemaal hun inkomsten uit online advertenties dramatisch zien dalen, zoals The New York Times meemaakte toen zij een paar jaar geleden besloot een deel van haar content betaald aan te bieden.

Maar zou “het nieuws” uit die kranten dan echt alleen nog tegen betaling te vinden zijn? Zouden bij regionale kranten – de meeste van die 1400 – geen andere aanbieders van nieuws opstaan die het gat in de markt zouden zien? Zou pakweg The Guardian niet een nog groter marktaandeel in de VS pakken als voor alle Amerikaanse kranten online betaald zou moeten worden?

In Nederland zouden de publieke omroepen geweldig profiteren als de kranten alleen nog betaald toegankelijk waren. En als je ook dat zou regelen – dat die omroepen geen oneerlijke concurrenten meer mogen zijn van commerciele nieuwsorganisaties, waarvoor wat te zeggen valt – dan zouden freesheets (Metro), buitenlandse aanbieders (Belgen) en bloggende burgers zich over de markt ontfermen.

Bot middel

Een algemeen prijskartel is vooral dom omdat het een bot middel is. Kranten moeten snappen dat ze niet een product voor de massa maken, maar tal van producten voor kleinere groepen mensen. Zoals een moderne slager geen worsten verkoopt, maar fijne vleeswaren.

Mensen betalen wel degelijk voor nieuws. De oudere generatie betaalt met liefde voor een krantenabonnement. De jongere generatie betaalt de prijs van een sms-je als hun vrienden het nieuws doorvertellen. En iedereen betaalt voor goed verpakt oud nieuws: de voorpagina van je geboortedag of een boek met columns van Campert.

Er zijn heel veel soorten nieuws. En er zijn heel veel plaatsen en tijdstippen waarop je al dat nieuws zou kunnen verspreiden aan heel veel verschillende groepen mensen. Wat dat prijskartel van Murdoch lijkt te willen doen, is uitgerekend de enige product-markt-combinatie die volstrekt kansloos is: algemeen nieuws op elk moment voor iedereen.

Niches

Natuurlijk moeten we het in niches zoeken. In specifiek nieuws dat voor bepaalde mensen in bijzondere omstandigheden en op dat ene moment belangrijk is. Of nuttig. Of van levensbelang. Of gewoon leuk.

Nieuws – alles van de brekende headline tot aan het achtergronddossier – is in digitale vorm geen massaproduct meer. Doordat het via internet verspreid kan worden, komt er een eind aan een businessmodel dat honderd jaar voortreffelijk heeft gewerkt en de journalistiek groot heeft gemaakt. Het was een fijne tijd.

Nu moet het anders. Een simpele economische wet zegt dat als het aanbod veel groter is dan de vraag, de prijs naar nul tendeert. Op internet is het aanbod aan informatie overduidelijk overweldigend.

Maar ook met de vraag is iets mis. We geven het elkaar als journalisten niet graag toe, maar de Google-generatie lijkt wel minder belangstelling te hebben voor “onze journalistiek”, voor ons soort vraagstukken en ons soort debat als hun ouders.

Ik denk dat dat niet alleen komt door het grote aanbod van andere, niet mainstream media nieuws. Er zit nog iets anders onder, dat moeilijker te duiden is: iets met een negatief imago dat de media hebben.