Kranten zijn nodig voor vernieuwing van de journalistiek

Wat een venijn in de tech-column van Daniel Lyons voor Newsweek. Waarom doen we nog zoveel moeite om kranten te redden, schrijft de senior editor van het Amerikaanse weekblad. Laat ze sterven. Dan zijn we beter af. En bovendien verdienen ze niet beter. Aldus Lyons.

Lyons heeft wat mij betreft gelijk als hij zich laatdunkend uitlaat over uitgevers en politici die roepen dat er geen toekomst is voor de journalistiek zonder kranten. De Fourth Estate is van belang voor de democratie, maar de democratie heeft het eeuwen zonder kranten gedaan en overleeft ook wel als die kranten er niet meer zijn, schrijft Lyons.

Maar hij mist een punt. In de eerste plaats zijn kranten niet allemaal zo belabberd als hij denkt – hij vermaalt een paar ooit befaamde Amerikaanse dagbladen als de San Francisco Chronicle en de Boston Globe. In de tweede plaats heeft de journalistiek het kapitaal – omzet, rendement, deskundigheid, klantenbestanden – van de kranten nodig om te kunnen innoveren. De toekomst van de meeste kranten op wat langere termijn, tien tot vijftien jaar, is uiterst somber, maar zo lang ze niet failliet zijn kunnen ze de journalistiek helpen redden.

Inert

Je kunt Lyons kwalijk nemen dat hij afgeeft op kranten, die inderdaad weinig innovatief zijn, om niet te zeggen inert en aartsconservatief. Maar ook in de journalistiek zelf, in de beroepsgroep, onder vakwetenschappers, bij bonden en op opleidingen wordt niet al te voortvarend vernieuwd.

We bedenken wel eens een prachtige nieuwe krant (Next). We durven de stap naar tabloid aan (The Independent, en toen iedereen). We bewegen voetje voor voetje naar multimedia en heel soms gooien we het roer radicaal om (The Guardian). Maar een fundamentele vernieuwing van Het Nieuws hebben we nog niet bedacht als beroepsgroep. Evenmin als krantenuitgevers trouwens, die gedurig aarzelen tussen gratis en betaald, maar niet of nauwelijks aan productontwikkeling doen.

De volgende Google

Wat moeten we dan bedenken? Wat is het doel? Niet minder, zou ik zeggen, dan de volgende Google. Of de volgende eBay. Of de volgende CraigsList.

Is dat niet wat veelgevraagd? De wereld heeft immers geen behoefte meer aan een nieuwe Google. Op internet is de grootste partij immers de enige winnaar (the winner takes all).

Nee. De lat moet wel degelijk zo hoog. Voordat Google bestond, konden we ons niet voorstellen dat we Google nodig hadden. Sterker: iedereen dacht rond 1998 dat de markt voor zoekmachines volkomen verzadigd was. Zoeken? Gaap!

Brutaal

Ik zoek journalisten die brutale vragen durven stellen over journalistiek, en over het verdienmodel achter brutale journalistiek. Fundamentele vragen. Wat is nieuws nog als iedereen alles al weet? Of kan weten? Waar hebben we een redactie voor nodig als Google ons filter is? Waarom zou ik opiniebladen lezen als ik honderd bloggers volg die niets anders publiceren dan hun meningen?

Wat zou Google doen als Google nog niet bestond? Twee dingen. Twee vragen. Wat kan nu – dankzij techniek – dat vroeger niet kon? En voor welk probleem is dat een oplossing.

Reacties zijn gesloten.