LIAR: hoe de journalistiek zichzelf gaat redden

Op de vraag wat de journalistiek zal redden, bestaat niet een antwoord. Er zijn er vier. Van de vier steunberen onder journalistiek in tijden van internet zijn er twee zo oud als de weg naar Rome. De journalistiek zal dichtbij zijn (local) en onderzoek doen (investigation). De andere twee pijlers zijn de onontkoombare consequenties van netwerktechnologie. Want meer dan ooit brengt internet het nieuws op een andere manier samen (aggregation) en zal er behoefte ontstaan aan betrouwbare bronnen, aan reputation.

Die vier hoeken van het journalistieke model van de 21ste eeuw – voor minder doe ik het niet – vallen samen in het acroniem LIAR. Dat is een aardige, ironische speling van het lot voor een vakgebied dat het vinden en verslaan van de waarheid als hoogste doel heeft.

De gedachtegang achter LIAR is niettemin serieus. Nu klassieke nieuwsorganisaties meer en meer in de problemen komen, in Amerika zelfs kranten verdwijnen, nieuwsshows kijkers verliezen en redacties van grote dagbladen als de LA Times en The New York Times honderden verslaggevers op straat zetten, duiken ook overal lokale, kleinschalige journalistieke initiatieven op. De meeste zijn lokaal, gericht op de eigen gemeenschap.

Globaler

Dat is geen toeval. Nieuwe generaties nieuwsconsumenten zijn minder betrokken bij de instituties die hun positie veroverden in de tweede helft van de vorige eeuw. Ze hebben minder met wat we het maatschappelijk middenveld noemen, met de landelijke politiek, de vakbonden, de organisaties die al polderend het land bestieren en besturen. Maar ze zijn niet wereldvreemd. Hun belangstelling lijkt alleen globaler. De wereld is hun wereld, ze hoppen even makkelijk naar Afrika als naar Amsterdam, the world is flat, nietwaar.

Als er zoveel wereld is waarover het nieuws wordt gemaakt, als er zoveel nieuws is, moet het nieuws wel oppervlakkiger worden gevolgd – met uitzondering van een enkel onderwerp waarover je dan weer alles wilt en kan weten. Alles weten van alle topics wil niet meer. Maar daar staat tegenover dat lokaal nieuws, nieuws uit de eigen omgeving, in geografische zin (in mijn dorp, wijk of stad) of in de mentale betekenis (wat voelt dichtbij), altijd van belang zal blijven – al was het maar uit praktische overwegingen. Het is op een alledaagse manier nuttig om te weten.

Muckraking

Naast local zal de journalistiek investigative zijn. Terug naar de wortels van de journalistiek, terug naar muckraking en tegels lichten. Al het makkelijke nieuws wordt toch wel gemaakt, bereikt ons wel langs duizend en een andere kanalen. Maar het ongemakkelijke nieuws – ongemakkelijk om te maken, ongemakkelijk voor degene over wie het gaat – is het terrein waarop de beste journalistiek thuis is. Het is haar lot.

Google heeft, als zondagskind van de informatierevolutie, laten zien waartoe aggregatie kan leiden. Google maakt geen nieuws, wil geen nieuwsmedium zijn, maar is dat wel. Het verzamelt, verspreidt, filtert en selecteert nieuws van anderen. De na tien jaar nog steeds verbijsterende innovatie van Google is dat het voor al die functies haar gebruikers gebruikt als specialisten. Door onze waardering, door ons klikgedrag, door onze links, weet Google wat de moeite van het weten waard is.

In de jaren waarin de journalistiek aan het wankelen ging en de samenleving de kracht van het netwerk ontdekte, het decennium waarin we de instituties verruilden voor social sites, ouderwets burgerschap voor doorgeschoten individualisme en het leven in de breedte voor een algoritme, in die jaren is een maatschappelijk bindmiddel ons door de handen geglipt.

Vertrouwen

Dat bindmiddel is vertrouwen. Zoals geld nodig is voor het betalingsverkeer, is vertrouwen onmisbaar voor het maatschappelijk verkeer. Zonder vertrouwen brokkelt een samenleving die zich moet hervinden na de ontzuiling, de globalisering en een informatierevolutie, langzaam af.

Google – maar ook eBay, Hyves, Twitter en Slashdot, to name a few – maken duidelijk dat de problemen die de netwerksamenleving heeft veroorzaakt, of verergerd, ook weer door het netwerk kunnen worden opgelost. Zoals je de kwaliteit van informatie – in elk geval ten dele – kunt bepalen met een algoritme (Googles Pagerank), zo kun je ook een model, een regel, een wiskundige formule bedenken voor een reputatie waaraan vertrouwen kan worden ontleend.

De journalistiek is lokaal begonnen. Is hard op weg het onderzoek en de verdieping opnieuw uit te vinden. Begint langzaam te wennen aan andere, meer interactieve vormen van aggregatie van nieuws. En zal, hoop ik, tot de ontdekking komen dat ze heel veel te winnen heeft als ze soortgelijke systemen ontwikkelt om haar eigen reputatie op te vijzelen, te bevestigen en te verankeren in de samenleving.

Reacties zijn gesloten.