Hoe Steve Jobs de krant opnieuw uitvindt

Met 500 miljoen gebruikers is Facebook een medium voor de massa, maar is het ook een massamedium? Zou oprichter Mark Zuckerberg de nieuwe William Randolph Hearst zijn, of de nieuwe Rupert Murdoch? Of nog anders geformuleerd: grijpen de mediamagnaten weer gewoon de macht op internet, nu het vrijgevochten web steeds meer terrein verliest aan mobiele app’s?

In het Amerikaanse technologiemagazine Wired beschrijven Chris Anderson en Michael Wolff hoe wij steeds afhankelijker worden van app’s. Wie een iPhone heeft herkent het. Je checkt het weer, zoekt treintijden op in 9292, leest de krant, luistert naar iTunes, laadt rss-feeds en doet al die andere dingen waarvoor je vroeger een webbrowser gebruikte.

Het verschil is grotesk. Het web is een open, enigszins anarchistische omgeving waarin alles de neiging heeft gratis te worden. De wereld van de app’s daarentegen is tenminste half gesloten. Apple bepaalt wie wel en wie niet een iPhone-app mag bouwen en pakt 30% van de omzet. De resterende 70% vinden uitgevers aantrekkelijk genoeg om zich te laten mangelen door Apple. Het is beter dan de nul procent die er op het web te halen is.

Consumenten laten zich overtuigen door het gebruiksgemak. Ze betalen op hun mobiele telefoon of iPad-kloon warempel voor informatie die op hun desktop nog gratis was. Daarmee, zegt Anderson in Wired, komen ze net als producenten van die content tot de conclusie dat het web niet het eindpunt is van de digitale revolutie.

Massamedia

Tot nu toe leek internet de fundamenten van de massamedia aan te tasten. Je had geen drukpers meer nodig om nieuws te verspreiden. Het nieuws kon ook ongebundeld – dus niet in een krant of een vast liggend uitzendschema – worden genuttigd. En voor het eerst ging de massa luidruchtig meepraten met de traditionele makers van het nieuws, niet altijd erg verheffend, misschien, maar wel heel hoorbaar.

De journalistiek heeft van die internetrevolutie meer last gehad dan gemak. Nu de consument het voor het zeggen heeft, en zelf kan kiezen welk nieuws hij wil lezen, blijkt dat veel traditioneel nieuws niet “uit kan”. Vroeger betaalde de advertentie van Albert Heijn indirect en ongevraagd de kosten van een correspondent in Afrika. Nu het nieuws ongebundeld aan de man moet worden gebracht, kost die correspondent meer dan hij oplevert.

Wie journalistiek belangrijk vindt voor de parlementaire democratie, wie denkt dat burgers geïnformeerd moeten zijn, maakt zich zorgen over het – uiterst trage – verval van de massamedia. Uiteindelijk, denk ik, kan alleen radicale en dus onzekere en kostbare innovatie van de media de kwaliteitsjournalistiek redden, tenzij we ervoor kiezen van die journalistiek een gesubsidieerde nutsvoorziening te maken. En waarschijnlijk is dat laatste (staatsfinanciering) enige tijd nodig om het eerste mogelijk te maken.

Tenzij Facebook een massamedium wordt. Tenzij op het mobiele internet van de app’s verdienmodellen mogelijk zijn die op het web telkens fata morgana’s bleken. Tenzij nieuwe internetuitgevers informatie weer kunnen gaan bundelen in pakketten die voor consumenten de moeite waard zijn, en de kwaliteitsjournalistiek financieren. Tenzij, kortom, Steve Jobs de krant op internet heeft uitgevonden.