De internetkramp in krantenland, tien jaar later

Veel erger kan het niet worden. In Amerika tuimelen de advertentieomzetten omlaag. Dat versterkt de internetkramp in krantenland. Dagbladen snappen dat ze iets moeten met dat vermaledijde internet, maar hebben geen idee hoe ze er geld mee gaan verdienen. Ondertussen waarschuwen futuristen dat alles mobiel wordt.

The Wall Street Journal maakt met need-to-know informatie als enige krant in de wereld serieuze winst. De beste en grootste krant op aarde, The New York Times, probeert een betaalmuur. De recessie lijkt echter alle goede voornemens in te halen. Redacties worden ingekrompen en printjournalisten kijken nog steeds argwanend naar hun weinige online collega’s.

Herkenbaar? Ik schreef dit allemaal op in 2002, in een verslag in de Volkskrant van een conferentie in San Jose, waar futuroloog Paul Saffo simpel vaststelde dat kranten “completely screwed”waren. Geen krant, zei hij, is zo succesvol als Yahoo of Ebay (Google sluimerde nog voor de beursgang). Je zou, zei Saffo, een hele generatie krantenmakers moeten ontslaan omdat ze Yahoo niet hebben uitgevonden.

Dat was tegen veel zere benen, daar in de VS. Maar Saffo zag het goed. Vooral zijn waarneming dat media niet massaal en passief worden geconsumeerd, maar persoonlijk zijn, interactief en alomtegenwoordig. Of zijn aankondiging dat 802.11 het helemaal ging worden. Zijn gehoor had geen benul. Het bleek het protocol voor draadloos internet.

Wat hebben we in tien jaar geleerd? Niet veel. Vrees ik.