Lot uit de loterij

In oktober 2010 vielen in de tweewekelijkse nationale loterij van Israël twee maal achtereen dezelfde getallen: 13, 14, 26, 32, 33 en 36. De jury reageerde in paniek en trok de uitslag in. Van een mankement was geen sprake. De voorzitter van de loterij noemde het ‘een zeldzame waarschijnlijkheid’. Het aantal winnaars was zelfs verrassend hoog, omdat veel mensen gokken op de laatste reeks winnende getallen. Omdat alleen het reservegetal afweek, wonnen drie deelnemers elk 750.000 euro.

Dat zet je aan het denken.

Een Noorse familie, nog een bizarre speling van het lot, won in zes jaar tijd drie keer de nationale loterij. Een vader, zijn zoon en zijn dochter werden 550.000 euro, 1,6 miljoen en 1,1 miljoen rijker. En bij een Amerikaanse krasloterij, het derde nieuwsberichtje dat ik mij herinner, haalde een vrouw ooit twee keer achtereen een miljoen dollar binnen.

Het zet je aan het denken, over lot, toeval en pech.

Net als het overlijdensbericht dat in NRC Handelsblad verscheen, een paar dagen nadat ik te horen kreeg dat ik parkinson heb. Van ons was heengegaan Hendrikus Blanken.

Dat hebben we maar vast gehad, was het eerste wat ik dacht. En het tweede: de kans dat ik nu nog een keer getroffen wordt door een vervelende ziekte, kan nooit heel groot zijn. Volgens de statistieken moet die kans zelfs enorm zijn afgenomen. Dat was voordat ik de berichten las over die Israëliërs, die Noren en die Amerikaanse serveerster in een eethuisje op Long Island.

De realiteit ligt anders. Je gaat niet dood aan parkinson, maar je gaat – statistisch gezien – wel een paar jaar eerder dood. Je kans op dementie is – ceteris paribus – twee maal zo groot. En dat je nog eens drie maanden stil zit, en tijdens een van de mooiste zomers van de afgelopen eeuw het ene na het andere boek leest over statistiek, dementie en de menselijke ziel, omdat je te grazen wordt genomen door een nekhernia, is ‘een zeldzame waarschijnlijkheid’, maar niet minder vervelend.

Tussen die beknelde en inmiddels weer verloste zenuw en de parkinson bestaat evenmin een causaal neurologisch verband als tussen die twee reeksen Israëlische lottogetallen. Of het moet zijn dat ik tot degenen behoor die elke maand steevast op dezelfde eindcijfers in de staatsloterij gokken.