Thijs

Thijs is 77. En hij wil dood voor het te laat is.

Thijs is eigenlijk zo gezond als een vis. Als ze niet in hun witte caravan op Texel zitten, fietst hij elke zomer met Marja zes weken in Duitsland, langs Rijn, Moezel of Main. Ze slapen in een kleine tent, op luchtbedden, met kussens die ze opblazen, de slaapzakken als dekens. Soms, als het regent, overnachten ze in een bed&breakfast of in een pension.

Het is vroeg in de herfst van 2013. Thijs repeteert nog elke week met het mannenkoor. Hij wandelt met het Nivon, de natuurvriendenvereniging. Op gezette tijden past hij op de kleinkinderen.

Hij heeft eigenlijk best een mooi leven gehad, vindt Thijs.

Maar als je hem vraagt hoe lang hij Marja nu kent, aarzelt Thijs, en lijkt hij zich te schamen voor die aarzeling. Thijs is bang iets ‘verkeerd’ te doen, en wordt verdrietig als Marja hem erop wijst.

Als de huiskamer vol visite zit, met de kinderen en de kleinkinderen, houdt Thijs zich vaker afzijdig. Anders zegt hij misschien iets doms. Of vertelt hij een verhaal twee keer. Of drie keer.

Af en toe tast Thijs naar een woord, verhaspelt hij een zin, zoekt hij naar de naam van de plaats waar zijn moeder haar man bij de supermarkt steevast in een portiek liet wachten: “Jan, hier blijven staan.”

“Dan bleef mijn vader daar dus staan.”

Dus. Eigenlijk. Toch.

Thijs houdt zich vast aan stopwoordjes als een drenkeling aan drijfhout.

Grip

Zo begint Thijs, het verhaal over een man die de grip op zijn leven verliest terwijl hij greep probeert te krijgen op zijn zelfgekozen dood. Hij heeft alzheimer en glijdt heel langzaam weg in een steeds ernstiger dementie.

Vandaag verscheen het verhaal in mijn krant, Dagblad van het Noorden. Het staat (nog) niet online. Ik ben juni vorig jaar begonnen informatie te verzamelen over euthanasie en dementie. In september heb ik Thijs en zijn vrouw Marja voor het eerst gesproken. Afgelopen dinsdag, voorlopig, voor het laatst.

Ik heb grote bewondering voor Thijs en Marja gekregen. Het vraagt veel moed om een besluit te nemen zoals Thijs dat deed: niet willen wegkwijnen in een verpleeghuis maar zelf bepalen wanneer het leven afgelopen moet zijn.

En het vraagt evenveel moed om als vrouw elke dag te zien hoe je man al verdwijnt voordat hij weg is. Om hem met respect te behandelen terwijl je steeds meer zorgt en steeds meer verantwoordelijkheid overneemt.

Ik wilde een verhaal vertellen over dementie. En hoe dat afloopt. Dat verhaal is Thijs.