De oude man en de vergeetdienst

3 juni 2014 Geen categorie 0
Bij de kassa van de buurtsuper rekent de oude baas met wat muntgeld een blik witte bonen af, en begint dan geluidloos te huilen. Hij mist haar zo, zegt hij tegen de caissière, die – ‘wilt u zegeltjes?’ – ook niet goed weet wat ze moet. Waarna de oude man naar een tafeltje bij de deur van de slijterij schuifelt, zijn boodschap neerzet, en even gaat zitten. Ze is pas vier maanden dood, zegt hij.

Wat zeg je dan? Ik slik iets weg, diep een handvol zachte drop op uit mijn AH-tas, maar heb de moed niet. Waar is de vergeetdienst als je hem nodig hebt, denk ik – maar wat moet de oude man met een grapje over Google? Even later stapt hij op zijn fiets, een model met ‘lage instap’. Die hebben ze nog samen gekocht, schiet mij te binnen.

Ik ben hier niet goed in. Langzaam begin ik mensen te mijden. Van te veel mensen gaat mijn linkerbeen trekken, wappert mijn hand in mijn broekzak, en struikel ik naar de supermarkt. Ik hoef niet meer op vakantie, breng de dag door in mijn werkkamer, mijd als het even kan feestjes en etentjes, en schrijf.

Ik trek mij terug in een nis van de dag.

Dat begint elke ochtend rond vijf uur. Het is al licht voordat de zon om 5.13 uur opkomt, twaalf minuten eerder dan bij een vriend in Utrecht, eenentwintig minuten eerder dan in Brussel. Een half uur later raken de zonnestralen de kruin van mijn appelboom. Tegen zessen zoek ik in een stoel onder het raam van de garage de vergeetdienst van Google op.

Die zoekmachine moet van Brussel kunnen vergeten. Google heeft een formulier online gezet waarmee je om verwijdering van een link uit de zoekresultaten kunt vragen als die je in de weg zit. Omdat we volgens Europa het recht hebben ‘te worden vergeten’ schrapt Google voortaan links naar informatie die ‘ontoereikend, irrelevant of buitensporig’ is.

Alles wat ik schrijf is ontoereikend, veel is irrelevant en nogal wat zal wel buitensporig wezen. Maar ik wil ook niet vergeten worden. Ik schrijf omdat ik nog iets te zeggen heb, al weet ik meestal niet nauwkeurig wat. Dat blijkt pas terwijl ik naar het juiste woord zoek, de metafoor die in het slot valt, de gedachte aan de vergeetdienst en die oude man.